SP-Tweede Kamerlid Harry van Bommel heeft twijfels over een ambtelijk akkoord dat Nederland en Suriname hebben bereikt over de Toescheidingsovereenkomst. Hij wil weten of de Surinaamse gemeenschap in Nederland is betrokken bij de toekomstige interpretatie van de overeenkomst.
De Toescheidingsovereenkomst werd gesloten bij de onafhankelijkheid van Suriname in 1975 om de rechten te regelen voor Surinaamse Nederlanders buiten Suriname. Bij terugkeer naar hun geboorteland zouden zij op dezelfde manier behandeld dienen te worden als Surinamers. Zij zouden zo net als Surinamers eenvoudig gronden moeten kunnen kopen of huren.
Opeenvolgende regeringen in Paramaribo leefden de overeenkomst niet na, omdat zij vonden dat de nationale soevereiniteit erdoor werd aangetast. Onlangs maakte de voormalige Surinaamse minister Santokhi van Politie en Justitie in Den Haag bekend dat er op ambtelijk niveau een akkoord is gesloten tussen Nederland en Suriname over de interpretatie van de overeenkomst. Dat akkoord dient nog wel door de beide parlementen te worden goedgekeurd.
Rechten verkwanseld
SP-Kamerlid Van Bommel twijfelt of de juiste procedure is gevolgd. "Er is steeds gezegd dat de opvattingen van de Surinaamse Nederlanders in Nederland bij de kwestie zouden worden betrokken. Hun rechten kunnen niet worden verkwanseld." Het Kamerlid denkt dat er geen representatieve vertegenwoordiging van de gemeenschap is geraadpleegd.
De inhoud van het ambtelijk akkoord is nog niet bekend, maar Van Bommel heeft er weinig vertrouwen in dat er een goed resultaat is bereikt. "Het is een slepend dossier", zegt Van Bommel, "Maar het resultaat telt. Het gaat om rechten die lang met voeten zijn getreden door Suriname. Dat slechte gedrag mag niet worden beloond."
Woord houden
De NDP, de grootste partij in de nieuwe Surinaamse regering, heeft tijdens de verkiezingscampagne toegezegd de Toescheidingsovereenkomst na te willen leven, merkt Van Bommel daarbij op. "Ik hoop dat de NDP woord houdt."



















De 3,5 miljard wist men wel op te eisen, maar de Toescheidingsovereenkomst (TO) leeft de Surinaamse regering niet na. Nederland heeft de Surinamers in 1975 aan de racisten Venetiaan & Bruma verraden. Een tweede verraad is onacceptabel
Suriname kan onmogelijk meewerken met een (verjaarde) zoniet een gediscrimineerde regeling, toen d'r tijd opgesteld en doorgedrukt door de toenmalige regering den Uyl aan Suriname.
De Toescheidingsovereenkomst, wel goed voor Nederland maar slecht voor Suriname. Dit kan nooit de bedoeling zijn geweest, om een vreemdeling(dat nooit Surinamers zijn geweest) boven de ingezetene van dat land te bevoorrechten.
Nieuwe reactie inzenden