In de sloppenwijken van het Indiase Bhopal worden de mensen nog dagelijks herinnerd aan de horror van 25 jaar geleden. Toen ontsnapte een immense gifwolk uit een pesticidefabriek. Het was de grootste industriële ramp in de geschiedenis. Duizenden mensen stierven, en honderdduizenden werden ziek. Na al die jaren woekert dit drama nog steeds voort.
Veel slachtoffers hebben geen geld om medicijnen te kopen, en er ontstaan nieuwe ziekten doordat het grondwater sterk vervuild is door het gas. De autoriteiten schuiven alle verantwoordelijkheid van zich af. De oorspronkelijke Amerikaanse eigenaar Union Carbide spreekt van sabotage door een medewerker. De directeur werd ooit vervolgd, maar wist te vluchten. Hij is nooit door India of de Verenigde Staten achter de broek gezeten.
Dow Chemical, het bedrijf dat Union Carbide heeft overgenomen, zegt er niks mee te maken te hebben. En ook de regering in India heeft zich lange tijd afzijdig gehouden. Volgens onze correspondent Aletta André zijn er wel enige lichtpuntjes te ontdekken. 27 Amerikaanse congresleden hebben druk uitgeoefend op Dow Chemical om de schoonmaak van het terrein op zich te nemen. En India zou bereid zijn om die kosten voor te schieten. Het is nu alleen nog de vraag hoe grondig dat gaat gebeuren en wanneer. Tot die tijd strijden de mensen in Bhopal verder.
Van 2 tot en met 6 december wordt de ramp met demonstraties, lezingen en optredens herdacht. In Europa wordt ook niet stilgezeten. Amnesty International heeft actie gevoerd voor het hoofdkantoor van Dow Chemical. De organisatie eist schadevergoeding voor de slachtoffers en de schoonmaak van het terrein.
Luister hier naar de uitzending van Nieuwslijn Supplement en het gesprek van Ingrid Anne Broersen met correspondent Aletta André.












Nieuwe reactie inzenden