Drie Nederlandse kunstenaars zijn zaterdag ontvangen door Paus Benedictus XVI. Beeldhouwer Caspar Berger en de schrijvers Cees Nooteboom en Kader Abdollah maakten deel uit van een groep van de 500 internationale kunstenaars, die door de Paus was uitgenodigd voor een ontmoeting in Sixtijnse Kapel. Angelo van Schaik volgde Berger op deze speciale dag.
Het is nog vroeg als beeldhouwer Caspar Berger zijn hotel bij de Sint Pieter uitstapt, het zachte ochtendlicht streelt de beroemde koepel, en een glimlach verschijnt op zijn gezicht. "Het is altijd een feest om in Rome te zijn."
Ondanks het vroege uur is het al behoorlijk druk rondom het Sint Pietersplein, toeristen vergapen zich aan de pracht en praal, straatverkopers proberen hun waar te slijten en politiemensen staan drukgebarend het verkeer te regelen. Een wandeling voert ons langs de rand van het plein tot aan de door Gianlorenzo Bernini ontworpen colonnade. Berger is groot liefhebber van de Italiaanse Hoog Renaissance en laat zich erdoor inspireren.
Eén van zijn belangrijkste werken is een moderne uitvoering van de beroemde Pietà van Michelangelo, Berger maakte een mal van siliconen, keerde die binnenstebuiten en goot het geheel in brons. De Pietà is door de bijna perfecte verbeelding van de Maagd Maria met het levenloze lichaam van haar zoon hét symbool van dramatische schoonheid. In de rauwe versie van Berger ligt de nadruk meer op het drama dan op de schoonheid.
Beeldtaal
Zijn Pietà is waarschijnlijk de reden voor zijn uitnodiging, want behalve met de beeldtaal heeft Berger niet heel veel met het katholicisme. "Als je bedoelt of ik onderdeel ben van een club of politieke organisatie, nee dat niet. Maar als je hier in Italië bent dan zit het in het hele leven, als een soort culturele huid. Dus ben je katholiek? In de kunst: ja, in politieke zin: nee."
Na een cappuccino pauze in een bar op het plein dat grenst aan het Sint Pietersplein, lopen we onder de Porta Angelica terug richting de colonnade. Tussen de witte marmeren kolossen door baadt het enorme kerkplein in het licht. "Och, wat is het licht hier toch mooi," verzucht de beeldhouwer.
Langzaam begeven we ons richting de metaaldetectors waar iedereen die de basiliek in wil, gecontroleerd wordt. Iets verder doorlopen naar links en dan zijn daar de bronzen deuren waardoor Berger, net als alle andere genodigden, straks naar binnen gaat. Voor iedere andere sterveling blijven die deuren gesloten. Wat gaat er eigenlijk gebeuren daar in die Sixtijnse kapel? "Het enige dat ik weet is dat er een toespraak is. En dat die misschien in het Italiaans is, zodat we er ook nog niets van verstaan."
Bovenaan de trap, in opening van de bronzen deuren, staan twee Zwitserse Gardes in de houding. Een veelkleurig door Michelangelo ontworpen uniform aan dat, oneerbiedig gezegd, op een zwarte pieten pak lijkt en een vervaarlijk lijkende hellebaard in de hand. Berger maakt nog even gauw een foto, voordat hij in de krochten van het Vaticaan verdwijnt.
Televisie
De bijeenkomst in de Sixtijnse kapel is besloten, maar wel te volgen op de Italiaanse televisie. Op de vele rijen met stoelen zitten de kunstenaars met hun gezicht richting Michelangelo’s Laatste Oordeel. Cees Nooteboom en Kader Abdollah, met groene sjaal, zitten op de eerste rij. Monsigneur Ravasi, organisator van de bijeenkomst en, zeg maar, de Vaticaanse minister van Cultuur, is groot fan van beide schrijvers. Caspar Berger kan ik niet ontwaren.
In zijn toespraak benadrukt Paus Benedictus XVI het belang van kunst voor de Katholieke Kerk. Hij zegt dat de Kerk al vanaf het begin kunst gezien heeft als middel om het geloof te verspreiden. Om zijn woorden kracht bij te zetten, haalt hij de woorden aan die Paus Paulus VI uitsprak, in dezelfde Sixtijnse Kapel, aan het einde van het Tweede Vaticaans concilie, nu 45 jaar geleden. "Wij hebben jullie nodig. Want, zoals jullie weten, is het onze taak om het woord van God te prediken en toegankelijk, ja, zelfs ontroerend te maken. En daar zijn jullie meesters in."
Na anderhalf uur komt Berger, zichtbaar onder de indruk, weer naar buiten. "Dit was wel heel speciaal. Het begint al met waar je naar binnen komt, de trap op, door die gang en dan kom je uiteindelijk uit bij de Kapel. Normaal bekijk je die als toerist, maar dit is een situatie waarin je de Kapel ineens ziet in de context waarvoor hij bedoeld is. En dat heeft iets heel magisch."
Luister naar de reportage van Angelo van Schaik met Caspar Berger en -daaronder- de bijdrage van Philip Smet die Kader Abdolah sprak voor vertrek naar het Vaticaan.






















Nieuwe reactie inzenden