30 mei is een gesloten wond in de Curaçaose samenleving die nog niet is geheeld. Een paradox, zegt de politicoloog Miguel Goede. Velen beschouwen de opstand van 40 jaar geleden als een achterhaald onderwerp. Toch is er volgens de UNA-wetenschapper nooit ècht goed over gesproken en mede daarom is het creëeren van betere kansen voor iederen blijven steken.
Door 30 mei is het "sociaal-economisch panorama" veranderd, zegt Miguel Goede. Velen plaatsen het ook "in de emancipatie-lijn". Groeperingen die vóór 30 mei geen kansen hadden, kregen die daarna wel, met name politiek. De afro-Curaçaoënaar werd de "dominante politieke groep" en de arbeidsverhoudingen zijn veranderd.
Op economisch gebied zijn er wel meer kansen gekomen, maar of de onderliggende economische machtsstructuren wezenlijk zijn veranderd, betwijfelt Goede. "Daar zet ik m'n vraagtekens bij".
Vergetelheid
Velen hebben 30 mei '69 nog bewust meegemaakt. Er zijn dus veel ooggetuigen met allemaal hun eigen verhaal en waarheid. Maar gedegen wetenschappelijk onderzoek naar 30 mei vind er eigenlijk nauwelijks plaats. "Het thema is een beetje in de vergetelheid geraakt". En dat geldt niet alleen voor de wetenschap, ook veel mensen daarbuiten vinden het onderwerp "al lang uitgekauwd".
Tot vijf, zes jaar geleden werden er aan de UNA panels georganiseerd rond 30 mei en ook rond een thema als de slavenopstanden. Maar veel mensen willen niet meer terugkijken, maar doorgaan naar de toekomst. Goede leidt uit de houding van "we zijn er klaar mee" af dat er eigenlijk nooit goed over het verleden is gesproken.
Voor Goede is de essentie van 30 mei dat "we een verdeelde samenleving zijn". En die is niet voor iedereen even eerlijk. Doordat 30 mei geen issue meer is, is uit het oog verloren dat Curaçao moet blijven werken aan het creëeren van meer (gelijke) kansen. "Mensen die capaciteiten hebben of ambities moeten kansen krijgen dat te realiseren."
Paradox
En dat is na 30 mei niet systematisch nagestreefd. Dat is geen "open wond". De paradox is juist dat de wond gesloten is (er wordt niet over gepraat), maar dat het daaronder niet is geheeld, zegt Goede.
Mede daarom wordt er zodra de spanningen op het eiland om politieke en sociale redenen oplopen, ook altijd gerefereerd aan 30 mei. Ook bij het jongste referendum over de staatkundige hervormingen was dat weer het geval. Want dan manifesteren de "onderhuidse spanningen" zich, zegt Goede. Maar tegelijk zie je ook dat andere mensen dergelijke geluiden en uitlatingen meteen weer de kop willen indrukken, ze proberen te dempen.
Goede pleit er niet voor om alle wonden van 30 mei weer open te rijten. Maar hij vindt wel dat de Curaçaose samenleving er zich "bewust" van moet zijn en - zodra het weer de kop opsteekt - er "actief" mee aan de gang moet door de dialoog erover te zoeken en vooral de signalen niet te negeren. Dat geldt met name ook voor het staatkundig hervormingsproces dat het eiland nu doormaakt.
Goede denkt overigens niet dat zich een herhaling van 30 mei in dezelfde vorm zal kunnen voordoen, omdat de omstandigheden anders zijn. "Maar ik ben er wel van overtuigd dat als die spanning niet tijdig en regelmatig wordt onderhouden, dat het altijd een achillespees zal zijn van onze ontwikkeling."




























Nieuwe reactie inzenden