Zowel de Boven- als de Benedenwindse eilanden van de Nederlandse Antillen liggen vrij dicht op de breuklijnen van de zogenoemde Caribische schol. Het schuiven van die schol veroorzaakte eerder deze week de aardbeving op Haïti. Geoloog Rob Rovers vindt het ‘ernstig’ dat er op de eilanden nog nauwelijks metingen verricht worden.
“De Antillen liggen op een belangrijke breuklijn”, aldus Rob Govers, geoloog van de Universiteit Utrecht, Hierdoor is het niet ondenkbaar dat een aardbeving zoals in Haïti ook bij de Antillen plaatsvindt. Maar hij vindt dit moeilijk in te schatten. Over de situatie rond de Antillen is namelijk weinig bekend. “In de oude wereld zijn al registraties van 3.000 jaar terug. Dat is in de nieuwe wereld niet zo. Van bijvoorbeeld de ABC-eilanden weten we het daarom niet precies.”
Caribische schol
Wat duidelijk is dat de Antillen liggen op de Caribische aardschol die van Venezuela naar Sint Maarten loopt en dan richting Haïti afbuigt. De Bovenwindse eilanden lopen volgens Rovers meer risico dan de Benedenwindse eilanden. “Bij Sint Maarten, aan de noordkant van de schol, is de plaat wat verbrokkeld. Daarom is de kans daar wat groter. Onze eilanden kunnen flink getroffen worden als een eindje van de eilanden een beving plaatsvindt.”
Metingen
De aardbeving in Haïti is volgens Govers nauwkeurig voorspeld door geologen. Dit gebeurt met GPS-metingen. “Als we op de eilanden zulke metingen zouden hebben, zouden we voorspellingen kunnen doen. Maar die metingen worden niet gedaan en dat is ernstig.” Sinds kort heeft het KNMI een meetstation op Sint Maarten, dus Govers hoopt over enkele jaren wel voorspellingen te kunnen doen.



























Nieuwe reactie inzenden