DEN HAAG (NOS/VK/RNW) - Nederlandse mariniers gaan meevaren op schepen van de Verenigde Naties in de wateren bij Somalië. In Den Haag wordt verwacht dat het kabinet dat vrijdag besluit. Nederland geeft daarmee gehoor aan een verzoek van de VN.
De mariniers gaan transporten van de Verenigde Naties beschermen tegen aanvallen van Somalische piraten. Het gaat vooral om transporten van voedsel en andere hulpgoederen.
Nederland is al lange tijd actief tegen piraterij in de Golf van Aden en de Arabische Zee. Verschillende Nederlandse marineschepen hebben onder de vlag van de VN en de EU meegedaan aan de missie.
Volgens de Volkskrant zouden op elk schip van de VN tien tot twaalf zwaarbewapende mariniers moeten gaan meevaren. Die krijgen volgens ingewijden vergaande bevoegdheden om geweld te gebruiken. De afgelopen jaren kon marinepersoneel weinig meer doen dan piraten oppakken en terugsturen naar het vasteland. Het inzetten van mariniers aan boord van VN-schepen om piraterij te bestrijden is bovendien veel goedkoper dan de inzet van marineschepen.
Gesproken wordt over 'autonome detachementen', wat betekent dat er geen Nederlands fregat in de buurt hoeft te zijn. Ook worden de mariniers vergezeld door een arts en een verpleegkundige.
De inzet van mariniers op schepen ligt politiek gevoelig. Nederlandse reders vinden het een plicht van de overheid om 'hun' transporten te beschermen. Dat gebeurt wel, maar volgens het bedrijfsleven niet vaak genoeg. Tot dusverre heeft het ministerie van Defensie elf keer mariniers aan boord van koopvaardijschepen geplaatst.
De reders pleitten verder voor het inzetten van particuliere beveiligers, maar daarvan kan volgens de ministers Hillen van Defensie en minister Opstelten van Veiligheid en Justitie geen sprake zijn. Zij vinden dat reders geen beveiligers mogen inhuren, omdat het monopolie op geweld bij de overheid rust.













