Een pas ontdekte struik op Costa Rica draagt voortaan de naam van de Nederlandse bioloog Maarten Kappelle: Miconia kappellei. Dat heeft de Nederlandse afdeling van het Wereld Natuur Fonds bekendgemaakt.
De Miconia kappellei is onlangs samen met nog vier andere plantensoorten ontdekt. De struik wordt 1,5 tot 3 meter hoog en de steeltjes zijn bedekt met haartjes. Hij heeft witte bloemetjes, die bloeien van maart tot mei.
Over het plantje is nog weinig bekend, vertelt Kapelle in het VARA-radioprogramma Vroege Vogels. ‘Hij is schaars. Er zijn op dit moment maar drie plaatsen bekend in Costa Rica waar deze plant groeit.’ De struik is gevonden vlak langs de snelweg op ongeveer 2000 meter hoogte in nevelwouden in de Talamancabergen. ‘Het kan zijn dat ‘ie meer voorkomt, maar dat weten we niet. Daarom is het heel essentieel dat we deze gebieden goed beschermen.’
Medicinale werking
Veel soorten Miconia worden bedreigd door grootschalige ontbossing, terwijl de vruchten een belangrijke voedselbron zijn voor tropische vogels. De bergbossen in Zuid- en Midden-Amerika herbergen de grootste diversiteit vogels ter wereld. De M. kappellei heeft mogelijk ook medicinale werking. Extracten van andere, beter onderzochte Miconia werken als antibioticum, pijnstiller, remedie tegen malaria en tegen tumoren.
Kappelle is hoofd natuurbescherming van die afdeling en heeft sinds 1985 bijna 20 jaar wetenschappelijk onderzoek gedaan naar de flora, het ecosysteem en de bescherming van de bergbossen in het Midden-Amerikaanse land. De naar hem vernoemde Miconia is overigens niet door hemzelf gevonden, maar door collega-bioloog Ricardo Kriebel.
In de tijd dat Kappelle in het gebied in Costa Rica werkte hij heeft zelf ook wel eens een nieuwe plantensoort gevonden. ‘Die is Roldana Scandens genoemd. Dat is een composiet, een samengestelde bloem zoals de paardebloem en de zonnebloem. De plant die ik heb ontdekt, heeft grote gele bloemen die op paardebloemen lijken, maar dan groter zo’n 10 centimeter in doorsnee. Die groeide overigens op een vuilnisbelt achter een boerderijtje. Misschien dat ‘ie daarom ook niet eerder ontdekt werd.’
Zeldzame eer
Er zijn maar weinig Nederlandse biologen naar wie ooit een planten- of diersoort is vernoemd. Bekend voorbeeld uit de recente geschiedenis is de Groningse hoogleraar Theunis Piersma. Naar hem is de vogel Calidris canutus piersmai vernoemd, een kanoetstrandloper. Veruit de meeste ‘nieuwe’ planten en dieren worden vernoemd naar hun specifieke eigenschappen, zoals roodbladige, geelgerande, gepluimde of klimmende. Maar dan in het Latijn. Bioloog Kapelle vindt de vernoeming dan ook een zeldzame eer. ‘Het is zeker een erkenning van al het werk dat ik heb gedaan.’













Nieuwe reactie inzenden