De Wereldomroep duikt in de sociale netwerken. Op Faceboek is een Fanpagina geopend, met daarin alle belangrijke expatverhalen. En op Twitter is het nieuws in ‘real time’ te volgen via twitter.com/wereldomroep.
Op het sociale deel-netwerk Facebook zweeft een link naar een krantenartikel. Iedereen deelt het, stuurt het door. In het artikel wordt hartstochtelijk opgeroepen Facebook niet langer toe te staan op de werkplek. Het artikel is van de hand van de Britse ondernemer Theo Paphitis. Hij doet zijn oproep in de Britse krant The Daily Mail.
Geneuzel
Paphitis heeft enige bekendheid door zijn deelname aan het populaire tv-programma Dragons’ Den. In dat programma proberen beginnende ondernemers commerciële ideeën te verkopen aan een panel van bekende zakenmensen. De Brit vindt het maar niets dat werknemers in de tijd van hun baas surfen op sociale netwerken. “Regelmatige gebruikers van sociale netwerksites zijn net als rokers, in de zin dat ze altijd eerst een trekje moeten nemen. Ze kunnen geen bericht onbeantwoord laten of geen foto ongezien.” Verder vindt hij dat Facebook vooral geneuzel oplevert.
Des te langer, des te intensiever
Los van Paphitis klaagzang, hij raakt wel een snaar. Uit recent onderzoek in Nederland blijkt dat het sociale gebruik van internet enorm toeneemt. Bijna negentig procent van de Nederlandse huishoudens is nu aangesloten op het web. Werd er in de beginjaren alleen ge-e-maild en gezocht naar informatie, nu zit men ook op sociale netwerken, leest blogs of maakt ze zelf, discussieert mee op fora, kijkt video’s en speelt online spelletjes. Des te langer ze op internet verkeren, des te intersiever maken ze er gebruik van.
Eeuwigheid
Nederlanders, zo blijkt uit het onderzoek, hebben geen idee wanneer ze voor het eerst het internet op gingen. Vaak denken ze dat het veel langer geleden is dan in werkelijkheid het geval is. Gemiddeld zal de Nederlander zo’n tien jaar verbinding met het internet hebben, maar het voelt kennelijk als een eeuwigheid. Een eeuwigheid waarin het internet sterk is veranderd en de internetgebruiker veel heeft bijgeleerd.
Actief en interactief
Hij of zij maakt dankbaar gebruik van de mogelijkheden die zijn ontwikkeld om zelf inhoud aan te maken, in een blog of op een foto- of videosite. En de gemiddelde journalist moet weer heel wat scherper op de details letten, anders wordt zijn verhaal op internet deskundig gefileerd door de attente lezer die meteen online commentaar kan leveren. De moderne internetgebruiker is actief en interactief.
Zoeken en delen
De verbetering van zoekmachines en de grotere vaardigheid van de internetgebruiker heeft ertoe geleid dat internet nu ook anders wordt gebruikt. Surfers zoeken hun informatie op onderwerp. De aanbieders van informatie zien dat nog maar een kwart tot een derde van de bezoekers via de voordeur binnenkomt, de homepage. De overgrote meerderheid komt via de zoekmachine of door een tip van een vriend, per e-mail of via de gezamenlijke vriendensite. En zo vond ook het geklaag van ondernemer Paphitis over Facebook een wereldwijd publiek, via de vriendensite Facebook… En fileerde een lezer in het commentaar Paphitis berekeningen over hoe lang mensen op Facebook verblijven: ze deugden voor geen cent.
Alles op één plek
Het grootste probleem van Paphitis zit ‘m waarschijnlijk in zijn eigen vriendenkring op Facebook. Die neuzelen te veel… Want laten we wel wezen: Facebook bracht presidentskandidaat Barack Obama onder de (gewone) mensen. Wie wil weten hoe het nu in Iran is, wordt fan van de Facebookpagina van oppositieleider Mir Hussein Mousavi.
En wat is er nou leuker dan ’s morgens je eigen Facebookpagina te openen, de berichten van de kleinkinderen zien staan, het vakantie-album van je beste vrienden, de uitnodiging van de buurtvereniging voor een barbecue én de belangrijkste expatverhalen van de Wereldomroep? Alles op één plek. Met een kop koffie!
Foto via Flickr door 46137
Meer interssante verhalen lezen? Abonneer je op de gratis WereldExpatnieuwsbrief


















Nieuwe reactie inzenden