Sinds Turijn 2006 zijn ze erbij: Dick Jansen en Ron Speksnijder, ‘beroepsvrijwilligers’ op de Olympische Spelen. Na Turijn en Beijing zijn ook de tickets voor Vancouver geboekt. Maar vrijwilliger word je niet zomaar. Je moet er wel wat voor doen.
Contacten zijn belangrijk. Maar ook doorzettingsvermogen. Na vele mailtjes richting de organisatie leek het er deze keer op dat Dick niet naar de Spelen zou gaan.
”Ik heb van alles geprobeerd. Vele verzoeken ingediend. Gemaild, gebeld. Ik had het bijna opgegeven toen ik eind november toch nog het verlossende telefoontje kreeg. Ze hadden iets voor me.”
Dat iets was: supervisor Mixed-zone in de Richmond Olympic Oval (de Olympische schaatsbaan). En niet alleen dat: het betrof ook nog eens een betaalde staffunctie!
Dick: "Dat heb ik natuurlijk wel te danken aan mijn inzet als vrijwilliger al die tijd. In Turijn was ik ook al betrokken bij het opzetten van de Mixed-zone, de ruimte waar de sporters en de pers na de wedstrijd bij elkaar komen en waar de interviews worden gedaan.” Ron was al eerder zeker van een Olympisch ticket. Hij wordt vrijwilliger bij de IOC Athletes Commission.
Canadians first
Er zijn 25.000 vrijwilligers op de Spelen. Je zou dus denken dat je er makkelijk tussenkomt. Maar nee. Dick: “Het is Canadians first. Als buitenlander kom je niet zomaar in aanmerking. Eigenlijk druist dat in tegen de Olympische gedachte vinden wij.” Maar de aanhouder wint.
Dick: “Nu, minder dan twee maanden te gaan voor de openingsceremonie, blijkt dat er nog zo’n 700 vacante posities zijn die ze maar niet kunnen vullen.” Ron: “Voor sommige baantjes heb je toch wat kwalificaties nodig.”
Dick: “Van de 25.000 vrijwilligers in Vancouver zijn wij de enige Nederlanders. Misschien dat er nog iemand is, maar dat is dan alles. Het Holland Heineken House niet meegerekend. Daar zijn natuurlijk heel veel Nederlanders aan het werk. Maar het Heineken House heeft niets met de organisatie van de Olympische Spelen te maken.”
Ron: “De Canadezen wilden eigenlijk dat Canadezen met een Nederlandse achtergrond voorrang zouden krijgen om er te werken. Maar vindt maar mensen die nog Nederlands kunnen en de Nederlandse gezelligheid kunnen uitdragen.”
Hoe het begon
Toen Dick en Ron nog kleine jongens waren droomden ze nog niet van de Olympische Spelen. Wel deden ze aan sport. Dick aan schaatsen, en Ron zat bij de nationale jeugdselectie waterpolo. De Olympische Spelen waren ver van hun bed. Dick: “En toen werd ik 15 en ontdekte ik de meisjes." Voor Ron gold hetzelfde.
Pas jaren later kwam het besef: Wat heb ik laten liggen? Wat als ik had doorgezet? Te laat om het als sporter te proberen, zochten ze naar een manier om er toch bij te kunnen zijn.
In Turijn herkende Dick in Ron een gelijkgestemde. Sindsdien zijn ze goede vrienden en hebben ze geen Olympiade overgeslagen.
Mooiste herinneringen
Een van de mooiste herinneringen heeft Ron aan de Spelen in Turijn. Hij was er als eerste bij om Marianne Timmer te feliciteren met het goud dat ze won op de 1000 meter.
Ron: “Dat is het leuke van vrijwilliger zijn. Je komt heel dicht bij de sporters. Maar op een ontspannen manier. Je moet niets van ze en daardoor zijn ze ook heel toegankelijk.”
Een jaar na Turijn zijn ze samen teruggegaan naar de medal plaza waar de huldiging plaatsvond. Dick: “Deze keer was er niemand, maar ik had het nummer dat ze toen speelden opgenomen en dat speelde ik af op mijn mobiele telefoon.”
Ron: “Daar stonden we dan: twee volwassen mannen. Tranen in de ogen. Op dat lege plein.”
Een ander gouden moment was toen het dames waterpoloteam goud won in Beijing. Ron: "Voor mij als waterpoloër was het toch wel bijzonder om daar bij te zijn."
Ron: "Elke dag is een ervaring. Je wilt geen seconde missen van al wat Olympisch is."
Dick: "En dat kan ver gaan. Ik heb thuis nog een bos bloemen van een van de medaillewinnaars. Die gooien ze altijd na afloop in het publiek. Ik heb de mensen voor mij nog een duw gegeven om de bos op te vangen. Die moest ik echt hebben. De bloemen zijn nu wel een beetje uitgedroogd, maar ik heb ze nog altijd! Het gaat nergens over natuurlijk."
Tips van de profs
Als vrijwilliger kom je niet zomaar overal binnen. Dick: “Je moet een badge of een accreditatie hebbben.” De truc volgens Ron en Dick is om oude verlopen badges niet weg te gooien. Ron: “Hoe meer badges om je nek hoe beter.”
Dick: “Je houdt er een stijve nek aan over, maar je komt wel makkelijker mee binnen. Want ze checken echt niet alle badges.”
Ron: "Daarom hebben we onszelf de bijnaam Ritsel en Ratsel gegeven. Omdat we altijd wel iets kunnen ritselen. Ook voor anderen. Het is leuk als je iets voor anderen kunt betekenen. Als een familielid van een sporter die een medaille heeft gewonnen, geen kaartje heeft voor de ceremonie of de zone, dan proberen we te regelen dat die toch naar binnen kan."
Winter of Zomerspelen?
Als ze moesten kiezen tussen de Zomerspelen en de Winterspelen zijn ze het over eens: de Winterspelen.
Dick: "De Winterspelen zijn gezelliger en gemoedelijker. Ze zijn ook veel kleinschaliger dan de Zomerspelen."
Ron: "De Olympische gedachte is veel sterker aanwezig, vind ik."
Dick: "Misschien komt het door de sneeuw, maar de Winterspelen zijn sfeervoller."
Wanneer stoppen?
Hoe lang denken ze nog door te gaan met hun Olympische carrière? Ron: “In ieder geval tot Sotsji. Daar wil ik graag bij zijn. Maar als ik eerlijk ben, kijk ik ook al stiekem naar 2016 in Rio. En als Amsterdam in 2028 het mag doen, stel ik mij kandidaat voor hoofd van de vrijwilligers!"
Blogs
Maar eerst is er natuurlijk Vancouver. In de aanloop naar de spelen en natuurlijk ook tijdens de spelen houden Ron en Dick allebei een blog bij:
Dick in Vancouver: http://dickinvancouver.punt.nl/
De website van Ron: http://www.olympic-games.eu/

















Nieuwe reactie inzenden