Al tien jaar wordt het internationale ruimtestation ISS permanent bewoond. Eerst moesten de astronauten uit landen als Rusland de VS en Duitsland vooral aan elkaar wennen. Nu doen ze onderzoek waar wij op aarde ook iets aan hebben. En ze werken niet langer in een ivoren toren.
De afgelopen twaalf jaar was het een komen en gaan van Russische Sojouz-raketten en Amerikaanse Space Shuttles. Alsof ze boodschappen bij de buren afleverden, zo brachten ze modules, zonnepanelen, robotarmen en niet te vergeten bemanningsleden naar het station. En dat op zo'n 340 kilometer boven de aarde met een snelheid van meer dan 27.000 kilometer per uur.
Avontuur
Nu het station klaar is, kan het echte avontuur beginnen, zegt Simonetta Di Pippo van de Europese Ruimtevaartorganisatie ESA. ‘We hebben er veel van geleerd. Vooral als het om culturele diversiteit gaat. Je moet je voorstellen dat een Canadese en een Duitse astronaut tegenover elkaar zaten en een Russische tegenover een Franse astronaut. En we hebben ook geleerd wetenschappelijke experimenten op een internationale manier aan te pakken. Dus het was een grote stap vooruit.’
In de eerste jaren was alles wennen. Niet alleen leefden voor het eerst Russen en Amerikanen samen in de ruimte; ook de omstandigheden waren primitief. Niet meer dan drie mensen hielden het station draaiende. Tijd voor wetenschappelijke experimenten was er nauwelijks.
Dagelijks gebruik
Sinds dit jaar heeft het ruimtestation permanent zes bewoners. Daarvan werken er drie aan onderzoeken. Niet alleen ten bate van de ruimtevaart, maar ook voor het leven op aarde. Zo deed de Italiaanse ESA-astronaut Paolo Nespoli onderzoek voor mensen met een handicap.
’Dat experiment werd geleid door een ziekenhuis in Italië waar ze mensen helpen die een beroerte hebben gehad of een traumatisch ongeluk, waarbij ze bijvoorbeeld een been of een arm verloren en niet langer in staat waren om te lopen. Ze moesten opnieuw leren wat ze gewend waren te doen, maar wel op een andere manier. Dat geldt ook voor een astronaut in de ruimte. Je kan daar niet langer lopen en eten op tafel zetten. Dat geeft je het gevoel dat je gehandicapt bent.’
Nieuwe horizon
De komende jaren wordt het onderzoek aan boord van het ISS uitgebreid met aardobservatie, bijvoorbeeld om klimaatverandering in kaart te brengen, en de bestudering van het heelal. Ook speelt het ISS een hoofdrol in de ontwikkeling van toekomstige bemande vluchten naar de maan en Mars.
Maar de ISS-bewoners werken niet meer in een ivoren toren. Eén ding hebben ze in de afgelopen tien jaar ook geleerd: communicatie met het publiek. Astronauten hebben steeds vaker een Twitter-account waarin zij vertellen over hun dagelijks leven, of sturen foto's van de aarde vanuit de ruimte. Ze praten live met scholieren en studenten en geven persconferenties. Ruimtewandelingen zijn rechtstreeks via internet te bekijken.
Daarmee is iets van het mysterie rond bemande ruimtevaart verdwenen. Aan de andere kant geeft die intieme blik in het leven in de ruimte een hele nieuwe generatie kinderen iets om over te dromen. De Nederlander André Kuipers maakte die droom waar. Volgend jaar vertrekt hij voor de tweede keer naar het ISS. Dit keer voor een verblijf van zes maanden.
Verder lezen:
- NASA: International Space Station Mission
- ESA: Human Space Flight and Exploration
- ESA: Biografie André Kuipers
- ESA: Biografie Frank de Winne
- SpaceExpo in Noordwijk
- Weten wanneer het ISS voor u zichtbaar is? Volg @twisst via Twitter. U krijgt dan regelmatig een melding.
Bekijk ook het YouTube-filmpje (Bron: Spacedotcom)




















Nieuwe reactie inzenden