Planten en dieren houden er niet van als hun omgeving te warm of te klein wordt. De noodzaak tot overleven dwingt hen om te verkassen naar andere gebieden. Internationale klimaatcorridors - verbindingen tussen natuurgebieden in verschillende landen -vergemakkelijken die migratie van planten en dieren.
Of tijgers en olifanten straks echt kunnen emigreren, ligt aan de uitkomst van een top over biodiversiteit deze week in Japan. De aanleg van klimaatcorridors staat hoog op de agenda. Deze verbindingen tussen natuurgebieden moeten voorkomen dat nog meer plant- en diersoorten verdwijnen.
Op dit moment wordt 21 procent van de zoogdieren bedreigd, 30 procent van de amfibieën en 12 procent van de vogels. De achteruitgang is nog nooit zo groot geweest sinds het uitsterven van de dinosaurussen, 65 miljoen jaar geleden, zeggen wetenschappers.
Springkikker
Landbouwecoloog Claire Vos is enthousiast over de internationale klimaatcorridors. In grote gebieden kunnen soorten zich beter aanpassen aan de gevolgen van klimaatverandering. Dieren en planten voor wie het te warm wordt, kunnen dan emigreren naar koudere streken.
Zo voorziet Vos de komst van de bergfluiter en de springkikker, bewoners van zuidelijker streken, naar Nederland. De bonte vliegenvanger en de zwarte specht vertrekken naar het noorden.
Het Wereld Natuur Fonds is al druk bezig met de aanleg van internationale corridors in Afrika en Azië. Frans Schepers van het WNF benadrukt dat de aanleg van natuurverbindingen niet de énige oplossing is voor het behoud van soorten, maar wel een hele belangrijke.
Borneo
'Bijvoorbeeld in Sabah op Borneo', zegt Schepers. 'Daar werken we aan een ketting van bosgebieden langs de Kinabatangan rivier, leefgebied van de orang-oetan en olifanten. Door versnippering van bosgebied dreigen de dieren geïsoleerd te raken.'
'We proberen de gebieden weer met elkaar te verbinden door palmolieplantages om te zetten in bosgebied of gebieden te creëren waardoor dieren zich kunnen verplaatsen.'
Kameroen en Botswana
'In het grensgebied tussen Kameroen en Nigeria komt de bedreigde Cross River gorilla voor', vervolgt Schepers. 'Er zijn nog maar 650 dieren over. De gorilla heeft het moeilijk door versnippering van bosgebieden. Er wordt nu gewerkt aan verbindingsstukken. We weten dat het werkt omdat we haren van gorilla's tegenkomen in een gebied waar ze eerst niet kwamen.'
In het stroomgebied van de Zambesi en de Okavango wordt gewerkt aan een olifantencorridor tussen Botswana, Namibië en Zambia. Dit is het leefgebied van de Afrikaanse olifant. Sommige gebieden zijn overbevolkt, maar andere juist niet. Door het aanleggen van corridors geven we ze de ruimte om naar andere gebieden te trekken.'
Latijns Amerika
De Meso-American corridor is het grootste voorbeeld van een internationale natuurverbinding. Het is een verbindingsgebied tussen Mexico, Belize, Guatemala, Honduras, Costa Rica en Panama. Deze corridor van maar liefst 533.000 vierkante kilometer groot vond zijn oorsprong in Costa Rica onder de naam 'het Pad van de Panter'. Daarmee is een aaneengesloten gebied gevormd waar wilde dieren kunnen overleven.
Maar wie betaalt deze peperdure projecten? Ook daarover moeten deze week in Japan besluiten genomen worden. 'Naast fondsen van landen, bedrijven en instanties als de Wereldbank kan gedacht worden aan de verkoop van houtkapconsessies aan FSC-gekeurde bedrijven (die alleen werken met duurzaam verkregen hout, red.) ', zegt Frans Schepers.
Nederland steunt de wens van ontwikkelingslanden om gebruikers van natuurgebieden en de daaruit afkomstige producten te laten betalen.





















Nieuwe reactie inzenden