Het is de nachtmerrie van elke wintersporter: in een lawine terechtkomen. Voor de meeste skiërs en boarders blijft het, gelukkig, bij een angstige droom. Toch komen er in de Alpen jaarlijks zo’n 100 mensen bij een lawine om het leven. Hoe voorkom je dat je zelf het slachtoffer wordt? Dat leer je tijdens de lezingen en cursussen van het Snow Safety Center.
Risicosport
De risico’s van het buiten de piste afdalen (‘off piste’) worden volgens cursusleider Rolf Westerhof door veel mensen onderschat. ‘De stap van de gewone piste naar het off piste skiën en snowboarden is zo gezet. Het ligt maar een paar meter van elkaar. Maar off piste is een risicosport, net zo goed als duiken of parachutespringen. Niemand haalt het in zijn hoofd om die dingen te doen zonder een goede voorbereiding of zonder goede spullen. Toch zijn er zat mensen die zonder kennis of kunde off piste gaan. Maar bij een risicosport kan een verkeerde beslissing het verschil betekenen tussen leven en dood.’
Theorie
De aanwezigen lijken de risico’s van hun sport wel in te zien. Er wordt geïnteresseerd geluisterd naar de theoretische uitleg. Af en toe komen er vragen uit de zaal. De meeste deelnemers zijn mannen tussen 20 en 40 jaar. Zonder uitzondering zijn het fanatieke freeriders en toerskiërs die het liefste buiten de pistes gaan, in nog maagdelijke poedersneeuw.
Voorbereiding
Rolf Westerhof legt uit dat een lawine wordt veroorzaakt door een combinatie van factoren. Het weer en vooral de wind spelen daarin een belangrijke rol. Ook de steilte van de berg speelt mee (minstens 30 graden). Door die verschillende factoren tegen elkaar af te wegen kunnen risico’s beter worden ingeschat. Westerhof adviseert om thuis al het gebied te bestuderen. ‘Onderzoek: hoe liggen de hellingen, wat zijn gevaarlijke plekken en hoe zijn de weersvoorspellingen?’
Lawineberichten
Westerhof adviseert om ook ter plekke het weer en de lawineberichten goed in de gaten te houden. In elk skigebied worden die berichten verstrekt en ze staan ook online. Middels een schaal van 1 tot en met 5 geven de berichten aan hoe groot de kans op een lawine is. Maar de berichten zijn volgens de cursusleider niet heilig. Ze moeten wel goed worden geïnterpreteerd.
Materiaal
Off piste afdalen kan niet zonder de goede materialen. Want mocht je toch onverhoopt in een lawine belanden, dan is het zaak om zo snel mogelijk weer onder de sneeuw vandaan te worden gehaald. Hoe langer het duurt voordat je gevonden wordt, des te kleiner is de overlevingskans. Een goede basisuitrusting is dus onontbeerlijk:
-een schep
-een sondeerstok
-een lawinepieper
Menselijke factor
En dan, het moment suprême. Je staat bovenaan de helling: ‘gaan we, of gaan we niet?’ Uiteindelijk gaat het er om, dat je op dat moment een goede, afgewogen beslissing kunt maken. Maar volgens Westerhof spelen hierbij vaak groepsdruk ‘he, doe niet zo flauw’ en hiërarchie ‘ík vind het wel vertrouwd’ een rol. Een deelnemer uit de zaal merkt op dat er bij twijfel toch altijd íemand als eerste naar beneden gaat. De rest volgt dan vanzelf. Westerhof: ‘Praat hierover in de groep, spreek van te voren af wat je doet in dit soort situaties. En probeer met elkaar zoveel mogelijk kennis op te doen.’
Vaardigheden
Na de theorie komen de vaardigheden aan bod. Het is natuurlijk goed om veel te weten, maar je moet die kennis ook kunnen toepassen. En dus gaat draait de rest van de cursus om de praktijk. Deelnemers leren omgaan met hoogtekaarten, ze leren lawineberichten te ‘lezen’ en doen praktische oefeningen. Hoe plan je nu de veiligste afdaling? En hoe neem je een verantwoorde beslissing? Daarna volgt bovendien nog een praktijkweek in de sneeuw. De verslaggeefster heeft het dan al lang voor gezien gehouden. Die besluit na de theorie om het voortaan toch maar bij de veilige pistes te houden.
Foto 1: Bord met lawinewaarschuwing (Flickr/Joe Shlabotnik)
Foto 2: Skiër met een rugzak met basismaterialen (Flickr/Kent Goldman)



















Nieuwe reactie inzenden