Betere leerkrachten leveren betere schoolresultaten op, meldt de OESO in haar driejaarlijkse rapport. Het Nederlandse onderwijs is internationaal naar de subtop gezakt. Minister Van Bijsterveld van Onderwijs reageerde met de aankondiging dat zij het aantal vakken in het voortgezet onderwijs wil terugbrengen.
Elke drie jaar doet de Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling (OESO) onderzoek onder 15-jarige leerlingen in 65 landen wereldwijd. In dit zogeheten PISA-rapport staan vooral de resultaten in taal, rekenen/wiskunde en science-vakken zoals natuur- en scheikunde.
Aziatische landen
In 2004 hoorde het Nederlands voortgezet onderwijs nog bij de top-5 van de wereld. Een parlementaire commissie luidde twee jaar geleden de noodklok. Inmiddels blijkt Nederland inderdaad gezakt van de achtste naar ongeveer de tiende plaats.
Maar dat komt vooral omdat met name scholen in Azië het de laatste jaren veel beter doen, concludeert Chris Sigaloff. Zij is directeur van de onafhankelijke denktank Kennisland Nederland.
'De topposities van Shanghai, Hongkong, Singapore zijn opvallend', zegt Sigaloff. 'Mijn idee was altijd dat scholieren daar misschien wel goed waren, maar vooral in cognitieve vakken, dus alleen in het reproduceren. Er wordt duidelijk niet alleen maar gekeken hoe goed leerlingen kennis kunnen reproduceren, maar juist hoe ze er zelf creatief mee kunnen omgaan.'
Alfa en beta
Minister Van Bijsterveld van Onderwijs kondigde meteen hervormingen aan. Ze wil in feite een stap terug doen; minder vakken en terug naar de keuze tussen twee richtingen: een alfa-richting en een exacte beta-richting. Zo moet Nederland weer in de top-5 komen.
De oppositie vindt de terugkeer naar nog maar twee keuzepakketten veel te radicaal. Metin Celik, onderwijswoordvoerder van de PvdA in de Tweede Kamer verdenkt de minister ervan met deze maatregel te willen bezuinigen.
'Dat is voor ons echt een brug te ver. Je laat veel leerlingen met talenten in de kou staan met deze maatregel. Dat gaat niet werken. Je moet juist de verdieping zoeken in verschillende vakkenpakketten om ook gebruik te maken van talenten die leerlingen te bieden hebben.'
Kwaliteit docent
Celik mist bovendien aandacht voor de kwaliteit van de leerkracht. Ook het PISA-rapport legt veel nadruk op diens rol. Nergens overtreft de kwaliteit van het onderwijs de kwaliteit van de docent, meldt het rapport. Chris Sigaloff is het daarmee eens.
'Goede leraren blijven het belangrijkste element voor goed onderwijs. Ze hebben ook de omvang van klassen afgezet tegen de hoogte van lerarensalarissen. En dan blijkt dat hogere salarissen van leraren meer effect te hebben op de kwaliteit van het onderwijs dan kleinere klassen.'
Creatieve vakken
Alleen maar concentreren op de beta-vakken lijkt evenmin een goede keus. Juist de landen die in het jongste rapport hoog scoren, hebben in hun onderwijs veel aandacht voor de creatieve, niet-exacte vakken.
Ook een gevarieerd vakkenpakket met kwalitatief goede, en vaak ook beter betaalde leraren werkt kennelijk beter. Maar dat betekent geld uitgeven - en dat is precies wat de Nederlandse regering niet wil.
Celik en Sigaloff kregen vrijdag bijval van Derk Reneman, voormalig directeur Strategie bij het ministerie van Onderwijs. In NRC Handelsblad schrijft hij dat de daling van Nederland op de ranglijst relatief klein is als je kijkt naar de hoeveelheid geld die Nederland voor onderwijs over heeft.
'Tegen een ondergemiddelde investering levert het onderwijs in Nederland een bovengemiddelde prestatie', schijft hij.
Onbevoegde leraren
Reneman verwijst ook naar de 'vermanagering' van het Nederlands onderwijs, waarmee hij de schaalvergroting en het groeiende aantal managers in het voortgezet onderwijs op het oog heeft.
Het BON (Beter Onderwijs Nederland) steunt de plannen van de minister, maar vindt dat er zeker ook iets gedaan moet worden aan het dreigende lerarentekort (10.000) de komende jaren, het percentage onbevoegde leraren (25%) en het groeiende aantal leerlingen dat afhaakt.


















Beetje raar dat het gemiddelde van heel China daar niet bij staat.
In Shanghai en Hong Kong (twee steden met veel geld) heb je natuurlijk veel meer elite-scholen dan elders.
Hetzelfde voor Singapore en b.v. Thailand.
Je kan Nederland heel goed vergelijken met Finland of Zuid-Korea, maar natuurlijk niet met dit soort steden.
"...dat komt vooral omdat met name Aziatische landen het de laatste jaren veel beter doen, concludeert Chris Sigaloff. Zij is directeur van de onafhankelijke denktank Kennisland Nederland.
'De landen die opvallen, zijn Shanghai, Hongkong, Singapore', zegt Sigaloff.
De directeur van Kennisland Nederland noemt Shanghai en Hong Kong landen die opvallen. Als het haar niet bekend is dat dat geen landen zijn staat het er wel erg treurig voor met de kennis in Kennisland.
U heeft gelijk. Het is aangepast. Redactie
Nieuwe reactie inzenden