Meer landbouwopbrengst met minder water. De uitvinding die dat voor elkaar krijgt, ontving de titel 'innovatie van het jaar' van het Nederlands bedrijfsleven. De mensen achter de uitvinding zeggen een bescheiden steentje bij te dragen aan de strijd tegen voedselschaarste.
Hoeveel water heb je nodig voor het produceren van een kilo sperziebonen of een zak aardappelen? Voor een doosje aardbeien? Voor een zakje chips? Dacom, een bedrijf uit Emmen, heeft een apparaat ontwikkeld dat een gedetailleerd antwoord geeft op die vragen, de TerraSen.
Het is een buis van 60 cm met daarin een sensor die op verschillende dieptes de hoeveelheid bodemvocht meet. De gemeten gegevens worden, samen met de lokale weersverwachting, naar een centrale databank gestuurd. Per kerende digitale post krijgt de teler een beregeningsadvies, een advies hoeveel water gebruikt moet worden. Dat kan overal ter wereld. Dacom is actief in alle windstreken: Saoedi-Arabië, Rusland, Argentinië,Tunesië, China, Zuid-Afrika, de VS en in vrijwel alle West-Europese landen.
Te scheutig
Optimaal watergebruik lijkt vooral nuttig voor gebieden met waterschaarste, want daar moeten ze zuinig omspringen met het kostbare vocht. Maar dat ligt anders. 'Paradoxaal genoeg zijn boeren in droge gebieden juist te scheutig met water', zegt Janneke Hadders, directeur van Dacom. Met het risico van ziekte, plantensterfte en dus minder opbrengst.
'Juist in de landen waar water schaars is, wordt vaak teveel water verbruikt. Dat is iets wat je niet zou verwachten. In de gebieden waar water schaars is, hebben de telers de beregeningsinstallaties goed voor elkaar. Dat betekent dus dat je heel makkelijk water kunt geven, maar ook makkelijk teveel. Soms kun je wel met de helft minder toe.'
Grote oppervlakte
Volgens Koen Roest, irrigatiespecialist van de Landbouw Universiteit Wageningen, is de grondsensor overal te gebruiken. Maar hij werkt het best in gebieden waar de grond over een grote oppervlakte dezelfde samenstelling heeft.
'Wat het apparaat meet is het vochtgehalte van een kolom van een halve meter rond de sensor in de grond. En je doet uitspraken voor soms zo’n 100 hectare, voor een flink gebied. En de vraag is dus: hoe representatief is die ene waarneming voor een wat groter gebied? De toepasbaarheid in gebieden waar de bodem homogeen is, is makkelijker dan in gebieden waar de bodem heel heterogeen is.'
Internet
Het apparaat kost 2000 euro, te duur voor veel kleine telers in ontwikkelingslanden. Bovendien is een internetaansluiting nodig. Dat vraagt om samenwerkingsverbanden tussen de boeren in een streek, of subsidiëring door de overheid. En de bereidheid om op een andere manier landbouw te bedrijven. 'Met alleen een permanente stroom aan gegevens en adviezen kom je er niet', zegt Dacom-directeur Hadders.
'Wij kunnen wel de informatie aan de teler geven, maar die moet ook nog verwerkt worden naar het veld toe. Dat is een menselijke slag. De techniek is niet het meest ingewikkelde van onze organisatie, want als je eenmaal die datastroom hebt lopen dan komen die grafieken en adviezen wel op je beeldscherm. Waar het om gaat is dat de teler werkelijk iets gaat doen met die adviezen. En daar heb je opleiding, training een hele mentaliteitsomslag voor nodig.'
Wedstrijd
Irrigatiespecialist Roest ziet wel heil in studieclubs voor boeren. 'Als ze experimenteren op een proefveldje kunnen ze kennis opdoen over de meest efficiënte methode. De uitkomsten kunnen ze met elkaar bespreken in een soort wedstrijd: wie boekt met zo weinig mogelijk water de beste resultaten. Zoals dat vroeger in Nederland gebeurde in de glastuinbouw, waar boeren wedstrijdjes deden en de resultaten met elkaar deelden.'
Janneke Hadders is trots op hun uitvinding, maar ze blijft bescheiden. 'Het is één van de vele maatregelen die nodig zijn om stappen te maken. Om aan de vraag naar voedsel te kunnen voldoen moet de productie in 20 jaar verdubbeld worden. Dat lossen wij ook niet op, maar we leveren wel een wezenlijke bijdrage.'























Nieuwe reactie inzenden