Ze zijn van verre herkenbaar: Nederlandse kampeerders met hun degelijke katoenen De Waard-tenten, volgeladen stationcars of trage caravans. Een eeuw geleden richtte tentenfabrikant Carl Denig de eerste Nederlandse kampeerdersbond op. Zijn voorbeeld leeft voort, zeker in crisistijd. Want kamperen is lekker buiten zijn en...prettig goedkoop.
Het massale kamperen is in Nederland ongeveer even oud als de padvinderij en die twee hebben veel met elkaar te maken. Net als scouting kwam het kamperen overgewaaid uit Engeland, waar Carl Denig in 1910 begon aan een kleermakersopleiding. Hij sloot zich aan bij wat nu de Camping and Caravanning Club is.
Spion
Na zijn opleiding ging hij met twee vrienden kamperen in een zelfgemaakte tent op het eiland Wight. De van oorsprong Duitse Denig werd in deze aanloop naar de Eerste Wereldoorlog prompt gearresteerd op verdenking van spionage. Het drietal stond per ongeluk op een militair oefenterrein.
Eenmaal terug in Amsterdam legde Denig zich toe op het maken van lichtgewicht tenten en richtte hij de Nederlandse Toeristen Kampeerclub (NTKC) op. In de eerste decennia waren het vooral padvinders en andere jongeren die in georganiseerd verband met tentjes de natuur in trokken. Pas in de jaren vijftig gingen de eerste gezinnen individueel op kampeervakantie.
Kampeerdiploma
Dat eigen initiatief baarde de overheid en ook automobilistenbond ANWB grote zorgen. Kampeerders moesten zich laten registreren. Er kwamen speciale cursussen voor een kampeerdiploma en -paspoort. Aspirant-kampeerders leerden dat ze zich moesten voorstellen aan hun buren als ze zich installeerden op een plek. En om gele plekken te voorkomen mochten ze geen hete pannetjes op het gras zetten.
Die normen en regels kwamen in de jaren zestig en zeventig stevig op de tocht te staan. Er kwamen zelfs speciale jongerencampings, met zware hasjdampen en een muur van bierkratten voor de tent. De Spaanse costa’s trokken busladingen jonge Nederlandse kampeertoeristen, voor wie de natuur van ondergeschikt belang was: in je tentje kon je goedkoop je roes uitslapen.
















Woon nu al meer dan 50 jaar in de USA maar kan heel goed herinneren dat we vroeger gingen kamperen in een gehuurd huisje in bussum met toen 4 kinderen ( later nog 3 erbij) Heb heel goeien herinneringen er aan, speelden veel spelletjes en maakten wandel stokken out hout gesneden, ping- pong over een net,enz. heb ook veel gekampeerd hier in de USA en eindelijk vorig jaar mijn tent weg gedaan, kwam hier toen ik 15 jaar oud was ben nou 70!!
In de jaren 50 met het hele gezin (we waren vader moeder en 6 kinderen) naar Noordwijkerhout ergens aan zee.Met de gehuurde tent. Bij Boer de Wit. onze buurman van de overkant ,meneer de Kroon die een auto rijk was, bracht ons dan weg.
De eerste dag werd dan altijd mijn verjaardag gevierd 1 aug.
Het was maar wat gezellig.Je ging als kind van 6 of 7 alle tenten af en maar vertellen dat je jarig was.Waar is die gezellige tijd.
Nu moet alles luxer en luxer om een ander de ogen uit te steken.
Olga Bego.
Ik heb vanaf mijn eerste jaar gekampeerd met mijn ouders zusje en tweee broers in een tent in Lage Vuursche, de tent werd elk groter gemaakt, schuurtje er bij enz. Later werd er een zomerhuis gebouwd. En vanaf mijn veertiende jaar mocht ik zelfstandig kamperen. Eerst op de fiets met een legertentje, later met de brommer. En weer later met de auto en een bungalowtent en veel spullen. Toen lid geworden van het NTKC, kleine lichtgewicht tent gekocht en veel minder spullen mee. Prachtige terreinen van het NTKC, rustig publiek met oog voor de natuur. Ruime plekken. Eenvoudig sanitair, met de laatste jaren steeds meer warme douches. Het sanitair wordt door de kampeerders zelf schoongehouden, evenals het onderhoud van het terrein. Vele handen maken licht werk...
Ik woon nu op Bali, maar mis het kamperen wel eens.
Hans
De groortste kampeerder van allemaal, ik roep hem uit tot Kampioen Kampeerder, was Mohammar Gadaffi [ere zij hem]! Die nam zijn tent mee als die op reis ging. Hij zette zijn tent overal ter wereld op waar hij met andere louche proleten hun leugens aan de kaak stelde. Deze kampeerder is nu een martelaar die zolang niet iedereen een huis had hij zelf in de tent zou blijven. Zijn grootouders woonden in luxe tenten. Wow! Dat hij uw allen tot voorbeeld mag staan!
De groortste kampeerder van allemaal, ik roep hem uit tot Kampioen Kampeerder, was Mohammar Gadaffi [ere zij hem]! Die nam zijn tent mee als die op reis ging. Hij zette zijn tent overal ter wereld op waar hij met andere louche proleten hun leugens aan de kaak stelde. Deze kampeerder is nu een martelaar die zolang niet iedereen een huis had hij zelf in de tent zou blijven. Zijn grootouders woonden in luxe tenten. Wow! Dat hij uw allen tot voorbeeld mag staan!
Deze, volgens jou, kamperende martelaar zag er ook niet tegenop diezelfde landgenoten af te slachten. Uiteindelijk hebben diezelfde landgenoten hem afgeslacht. Wij noemen zoiets: boontje komt om z'n loontje !
In de Dolomieten kampeerde men (de Italianen) al in de jaren 70 bij de boer. Eigen ervaring.
Ik heb geweldige herinneringen aan onze kampeer trips van mijn jeugd. We gingen altijd naar Texel (De Koog)en kampeerde in een tentje in de duinen. Was jezelf met koud water,geen electriciteit. Altijd zoeken naar bramen en spelen op het strand.
Ik woon nu in Canada en probeer onze twee kinderen dezelfde herinneringen mee te geven. Canada is een geweldig land om te kamperen. We maken een kampvuurtje, rooster marshmallows,fun fun fun.
Jammer dat we op vakantie geen Nederlands nieuws kunnen volgen.
Man dat is echt vakantie.
Vroeger, jaren 50 met gezin vaak in breukelen gekampeerd. Eerste keer werden we met een grote boot door de boer naar zijn landje aan de Scheendijk gebracht en lag er nog hooi te drogen op dat veld. We huurden een breed model kano, Tonino geheten en zwommen in de geulen vanuit de boot of vanaf de steiger. De Wc was nog een echte houten poepdoos op het landje aan de overkant van een slootje. Broertje is in zijn haast weleens van het planken bruggetje gevallen. Maakte niet uit, al het water was nog schoon, alhans dat namen wij aan. Tweede keer had mijn vader stepwieltjes onder de imperiaal geschroeft om de bagage naar het landje te brengen, want een auto mocht nog niet op de scheendijk komen. Het was nog maar een smal weggetje met slootjes aan twee kanten. Een boer liep er nog over om een stel koeien naar een ander landje te brengen. Langzaam maar zeker zagen de andere boeren ook het voordeel van bootverhuur etc en nu lijkt het daar wel een straat in de stad met flats en casino-achtige gelegenheden! Ik zou niet eens meer kunnen zeggen welke die eerste boer was die ermee was begonnen. en het mooie is er nu daar ook echt af.
De wereld verandert nu eenmaal en meestal niet ten goede....
Mooi artikeltje. Wij hebben, hier in het binnenland van Le Marche in Italie, zo'n 9 jaar het kamperen bij de boer geintroduceerd. Niemand van de lokale bevolking geloofde erin en de buurvrouw had nog nooit een tent gezien. Inmiddels zijn er velen die ons volgden, op hun eigen manier of als een kopie van onze accommodatie. Ook wij voelden ons in 2003 de pioniers van het kamperen; zij het dan in Italie.
www.agricamppicobello.com
Nieuwe reactie inzenden