Expats in fictie
In de 2011 Expats-in-fictie-competitie werden lezers uitgenodigd een verhaal met een expat in de hoofdrol te schrijven.
We zouden voor het eerst een echte Turkse bruiloft meemaken. Dat was me beloofd. Ons eigen huwelijk in Nederland stelde niet veel voor: een noodzakelijke administratieve gelegenheid was dat geweest. Nauwelijks familie en zo. Dat zou hier wel anders gaan. Ik was benieuwd.
De nicht in kwestie woonde in het volgende dorp, boven op een berg. Een hele klim was dat. Met een groepje vrouwen uit het dorp, sommige met de baby op de rug. Ik redde dat nooit, maar mijn man was erbij en diverse van zijn zussen waren bereid onze baby een eindje te dragen. De bedoeling was dat we daar ook nog zouden overnachten bij een tante, want het was toch een hele onderneming voor mij.
Goed, we bereikten het dorp en kregen een lichte maaltijd toegeschoven. Heerlijk, hoewel ik alleen maar dorst had door de hitte. Tegen donker begon het feest. Tenminste, eerst moesten de mannen weg, naar de vrijgezellen-drinkpartij met de bruidegom. Precies kon ik het niet volgen, maar een man schoot een pistool af in de lucht, als teken om te verzamelen. Daarna verdween die hele kudde in diverse automobielen, want voor hen was er blijkbaar wel vervoer mogelijk. En de bruidegom woonde waarschijnlijk ook een flink eind weg...
Enfin, het feest begon. Een vrouw pingelde wat op een soort luit, een zielig riedeltje. Naast haar zat de bruid, in het wit naar Europese mode. Maar met dit verschil, dat ze maar bleef huilen. Geen moment hield dat op en niemand trachtte haar ook te troosten. Zo had ik een Europese bruid nooit gezien.
Er volgde enig gerommel over waar ik zou moeten zitten, dus kreeg ik ook een eigen stoel, naast die van de bruid. Aangezien ik geen woord Turks kende en het hele mens nooit eerder gezien had, kon ik ook weinig doen om haar wat troost te bieden. Of het moest van de eer zijn dat ik mij verwaardigd had op haar feestje te komen. De rest van de vrouwen zat op planken langs de kant van het erf.
In het midden werd geacht gedanst te worden. Erg enthousiast was het publiek niet. Twee oudere zussen van de bruid sleurden af en toe een paar meiden overeind en dwong ze een tijdje voor te dansen. Een zeer slap aftreksel van wat ik wel eens op TV gezien had van Kozakken. Nauwelijks enige variatie en zo gauw ze de kans zagen, gingen ze weer zitten. Moest dat een feest verbeelden?
Ik verveelde me rot zo op een apart plekje. Anderen konden nog ginnegappen met elkaar, maar ik had alleen dat stuk verdriet naast me. Gelukkig kon ik af en toe mijn man opzoeken in een apart kamertje aan de andere kant van het huis. Want mannen mochten uiteraard niet aanwezig zijn op een vrouwenfeestje. Dat was toen blijkbaar nog heel strikt. Dat bleek tegen middernacht, toen men blijkbaar een man ontwaarde die vanuit de bovenkamer het gebeuren zat te bekoekeloeren...
Een foutje in het register: Dat was een verre buurman, die blijkbaar te laat gekomen was om mee te rijden met de anderen naar het vrijgezellenfeestje en nu maar in het huis was blijven hangen en uit verveling voor het raam plaats nam. Maar dat kon niet! Groot protest en verwijten naar de tante die dat had toegestaan. Nee, dat namen de dames niet! Al zal het saaie van het festijn er wel mede de oorzaak van zijn dat behalve wij, mijn man voorop met de baby, het halve gezelschap de route naar ons eigen dorp op ging. De andere helft misschien wel de andere kant op; ik weet het niet.
Wij misten daardoor behalve een logeerpartij, ook het doel van die avond, namelijk het smeren van henna op de handen van de bruid en het ophalen van de bruid door de bruidegom en zijn ploeg de volgende dag. Dat, heb ik later geleerd, was een iets gezelliger feestje, als je de mannen kon zien dansen. Dat leek iets meer op die Kozakken van de TV.
En daarna zou er nog een derde dag feest zijn in het huis van de bruidegom, maar dan ook weer alleen voor de vrouwen. Vermoedelijk had dat iets te maken met het bewijs dat de nieuwe bruid echt maagd geweest was, maar daar heb ik nooit zekerheid over gekregen. Waar tijdens die laatste dag de bruidegom dan moest blijven, heb ik echt nooit begrepen...
Nu is dit allemaal lang geleden. Ik heb sindsdien de taal geleerd en op heel wat bruiloften gedanst, gewoon nageaapt wat ik zag en de boel opgevrolijkt. Bij sommige kreeg je eten, bij andere niks, of een slok water als er behulpzame kindertjes rondliepen. Met de komst van elektriciteit zijn Turkse trom en luit en fluit langzaam vervangen door moderne synthesizers en enorme luidsprekers. Met elkaar ginnegappen of zelfs maar een paar woorden wisselen is vaak al onmogelijk. Ik ga er nooit meer heen zonder watjes in mijn oren. Mijn gehoor is mij te kostbaar.
Behalve dat zag ik ook dat steeds duidelijker zichtbaar de jongens tussen de bomen toekeken, al shagjes rokend, om zelf de meisjes te bestuderen. De tijd dat de moeders en oma's naar dergelijke gelegenheden gingen om een bruid voor hun zonen uit te zoeken is nu definitief voorbij. Ze kiezen zelf wel en of dat altijd een betere keus is, blijft een punt van discussie.
Tegenwoordig zijn er nog maar twee dagen feest. De henna moet echt een nachtje kunnen intrekken, maar de bruidegom en alle andere mannen worden er niet meer geweerd. De vrouwen zitten nu op gehuurde plastic stoelen, de mannen hangen wat er omheen, babbelend en rokend en en gereed om hun familie weer met de auto naar huis te brengen als ze het zat zijn.
Het blijft vooral een vrouwenaangelegenheid, maar de werelden zijn lang niet meer zo streng gescheiden.
Miriam Caka woont aan de noordkust van Turkije.























Gepingel, geriedel, gehuil. Enfin, getut op papier. Een verhaal hardop teruglezen doet wonderen.
Nieuwe reactie inzenden