Correspondenten aan het Woord
Onze wekelijkse serie Expat aan het Woord wordt normaal gesproken geschreven door jullie, onze bezoekers. De komende weken doen onze correspondenten het. Het zijn persoonlijke verhalen over hun leven in het buitenland.
Eerdere bijdrages waren van Arne Doornebal (Uganda), Lia van Bekhoven (Groot-Brittannië), Daisy Mohr (Libanon), Bram Vermeulen (Turkije) Angelo van Schaik (Italië), Elles van Gelder (Zuid-Afrika), Kees Elenbaas (Colombia), Geert Groot Koerkamp (Rusland) en Aletta André (India).
Bram Vermeulen is correspondent in Turkije. Net als veel Turkse lotgenoten in Nederland heeft hij een schotel op zijn dak en is hij de taal van zijn nieuwe woonland niet helemaal machtig. Toch houdt hij al meer van Turkse koffie dan van koffie verkeerd en probeert hij niet teveel als 'botte Nederlander' over te komen.
Het moet de tweede of de derde dag geweest zijn na mijn aankomst in Istanbul. De verhuisdozen waren nog onderweg. Er was onderdak, een appartement met een douche en een keuken. Maar nog geen bed, geen bank en geen gevoel van thuis. Buiten was het bitterkoud en mijn keel voelde als schuurpapier. Een griep op komst, tijd voor de apotheker.
En terwijl het belletje rinkelde in de oude farmacie aan de drukste winkelstraat van de stad daagde het dat zelfs de oude apotheker geen andere taal dan het Turks machtig was. Erger: dat ik het Turkse woord voor keelpijn niet kende. Ook niet voor 'pijn'. Laat staan voor 'keel'.
Integratie mislukt
Na zeven jaar in Afrika had ik gehoopt dat het allemaal makkelijker zou worden. In Afrika was ik al tot het pijnlijke besef gekomen dat mijn integratie in dit machtige continent was mislukt. Ik was blank geworden. Had vooral blanke vrienden, sprak op een paar woorden Zulu na geen Afrikaanse taal.
Mijn leven leek na zeven jaar vooral op dat van blanke Zuid-Afrikanen,om wie ik na mijn aankomst zo hard had gelachen. Ik was een expat zoals velen: genietend van het mooie weer en het gezelschap van vooral buitenlandse vrienden.
Mijn hoop dat het op mijn eigen continent, als ik Turkije Europees mag noemen, makkelijker zou worden werd op die tweede dag al onderuit gehaald. Voor de balie van de apotheek voerde ik een slechte imitatie op van het televisiespelletje Hints. De apotheker begreep de handgebaren, dat wel, en gaf me een hoestdrank.
Trots toog ik naar de supermarkt om wat waspoeder te kopen voor mijn vieze reiskleren en weer overviel met dat besef van machteloosheid. Ik kende het woord voor bonte noch voor witte was. Er was niemand in de buurt om Hints mee te spelen, dus het werd een blinde gok.
Turkse taalles
Ik ben een Nederlandse allochtoon in Turkije en mijn leven heeft alle kenmerken van mijn Turkse lotgenoten in Nederland. Ik heb een schotel op mijn dak, omdat ik me na tien jaar buitenland niet meer schaam te zeggen dat ik liever naar De Wereld Draait Door kijk dan het Turkse nieuws. Ik ben naar Turkse taalles geweest en ik kan me inmiddels op straat verstaanbaar maken. Maar echt hard studeren doe ik niet, met het drukke bestaan van een correspondent als slecht excuus.
Geregeld kijken Turken me niet-begrijpend aan en schaam ik me voor mijn onhandigheid en de wetenschap dat het na drie jaar onderhand eens tijd is. De eerlijkheid gebiedt te zeggen: mijn Turkse vrienden spreken allemaal Engels of een andere buitenlandse taal die ik wel vloeiend spreek. Ik ben een expat in de ware zin van het woord.
Verturks
Maar ik verturks. Ik drink nu liever thee dan koffie. En liever de bittere drab die Turkse koffie heet dan een Verkeerd. Ik vind het onbeleefd om met de benen over elkaar te zitten in gezelschap van anderen of de schoenen aan te houden als ik bij iemand thuis kom.
Ik schrik geregeld van het taalgebruik op de Nederlandse televisie en niet alleen van Rutger Castricum. Nederlanders zijn altijd direct en na een paar mislukte etentjes met Turkse bekenden heb ik inmiddels geleerd me in te houden. Niet te diep graven, houd het onderwerp liever vederlicht.
Terug in Nederland moet ik altijd weer even bedenken: niet alles is onderhandelbaar zoals in Turkije: de prijs van een tapijt, een hotelkamer, ja zelfs de doktersrekening. Het leven in dat andere land is soms zo moeilijk als het makkelijk is. Helemaal Turk word ik nooit. Maar de Nederlander die ik ooit was, evenmin.
Meer artikelen lezen voor en door Nederlanders in het buitenland? Neem een gratis abonnement op het WereldExpat Magazine! www.wereldexpat.nl












