Zowel de banken, de toezichthouders als de politiek zijn schuldig aan de kredietcrisis, maar een echte hoofdschuldige is niet aan te wijzen. Dat concludeert de parlementaire commissie De Wit, die onderzoek heeft gedaan naar het ontstaan van de financiële crisis in Nederland.
De crisis leidde wereldwijd tot miljarden kostende reddingsoperaties voor banken en een economische recessie in talrijke landen, waaronder Nederland. Volgens de commissie onder leiding van SP-parlementariër Jan de Wit speelde iedere betrokkene bij de crisis 'zijn eigen, kwalijke rol'. Het is volgens De Wit verontrustend dat tijdens de verhoren voor de commissie veel hoofdrolspelers een weinig kritische kijk bleken te hebben op hun functioneren.
Verloren krediet
Commissievoorzitter De Wit haalde bij de presentatie van zijn rapport 'Verloren krediet' hard uit naar de financiële sector. 'Er zijn onaanvaardbare risico's genomen en de publieke belangen zijn uit het oog verloren', zei De Wit. Die risico's werden onder meer aangemoedigd door hoge bonussen en aandelenpakketten van bestuurders. Daar moeten snel regels voor komen, vindt De Wit.
De commissie waarschuwt voor nieuwe problemen, omdat de oorzaken die hebben geleid tot de financiële crisis van de afgelopen twee jaar nog lang niet zijn verdwenen. Een nieuwe crisis zou effecten op de samenleving kunnen hebben die 'wellicht vele malen groter zijn dan nu', stelt De Wit. Tegelijkertijd vreest de commissie dat het gevoel van urgentie afneemt en iedereen snel weer zal overgaan tot 'business as usual'.
Aanbevelingen
De commissie doet 27 aanbevelingen. Eén daarvan is verlaging van het deposito-garantiestelsel. Nu garandeert de overheid van iedereen de eerste honderduizend euro spaargeld. De commissie De Wit wil dat bedrag verlagen, omdat het risicovol gedrag van de banken en spaarders uitlokt. Verder wil de commissie onder meer dat het toezicht wordt verbeterd en in Europees verband wordt georganiseerd.
De parlementaire commissie heeft begin dit jaar een groot aantal hoofdrolspelers van de financiële crisis verhoord, overigens niet onder ede. Onder hen waren president Nout Wellink van De Nederlandsche Bank, toenmalig minister Wouter Bos van Financiën en oud-ABN Amro-topman Rijkman Groenink. Later dit jaar gaat het onderzoek van de commissie verder. Dan wordt bekeken of de maatregelen om de crisis te bestrijden, met name de miljardensteun aan de banken, goed waren.
Enquête
Een ruime meerderheid van de Tweede Kamer van CDA, SP, VVD, PVV en GroenLinks zegt in een reactie dat het tweede deel van het onderzoek gedaan moet worden in de vorm van een parlementaire enquête. Dan kunnen de getuigen onder ede worden gehoord.
De VVD wil volgende week, in de laatste vergaderweek van de Tweede Kamer voor de verkiezingen op 9 juni, nog met minister Jan Kees de Jager van Financiën in debat over het rapport. Vooral over de rol van oud-minister Wouter Bos van Financiën en De Nederlandsche Bank wil de partij opheldering.
DNB
De analyse van de commissie-De Wit geniet brede steun van de Tweede Kamer en ook De Nederlansche Bank zegt 'een groot deel van de aanbevelingen' te onderschrijven. De Nederlanse Vereniging van Banken (NVB) zegt dat de banken hun les hebben geleerd uit de crisis. De NVB bestrijdt dat banken na de crisis weer zijn overgegaan tot de orde van de dag, iets waar de commissie-De Wit in het rapport voor vreest.
















Nieuwe reactie inzenden