Jan met de pet is dood. Zijn zoon heet Wesley en hij bezit pet noch ketelpak. Een Japanner voor de deur en in februari met Britney en de kids naar de wintersport.
Wesley is namelijk een Hardwerkende Nederlander. In de afgelopen kabinetsperiode heeft VVD-leider Rutte hem tot een begrip gemaakt. De Hardwerkende Nederlander is voor zevenen op; hij hoort tot het wakkere Nederland van de Telegraaf. Wesley is opzichter bij een schoonmaakbedrijf, hoofd inkoop, of zelfstandig behanger. De wereld is ondankbaar, maar aan hem heeft het niet gelegen.
Hardwerkende Nederlanders vormen een grote, amorfe groep kiezers, het been waarom de honden van de PVV, de VVD en TON vechten. Veel mensen horen er graag bij, want hardwerkend houdt erkenning in.
Hardwerkend is niet zomaar een mediamodewoord. Mensen betitelen zich zélf zo. Ik hoorde een vrouw zeggen: ‘Wij zijn altijd hardwerkende mensen geweest.’ Vijf jaar geleden zou ze hebben gezegd: ‘Wij hebben altijd hard gewerkt.’
Hardwerkende mensen betekent méér: wij hebben het niet breed, maar we klagen niet. Niemand hoeft zich beter te voelen dan wij: we hebben ons steentje bijgedragen. Elke week langs bij moeder en voor elke collecte een euro. Sperziebonen en een bal gehakt zijn voor ons goed genoeg. We mogen bescheiden zijn, maar vlak ons niet uit!
De jacht op de Hardwerkende Nederlander is weer open. Wilders wil Wesley, Rutte wil Wesley en Rita wil Wesley. Want natuurlijk: de Hardwerkende Nederlander is een blanke christen, die niets tegen buitenlanders heeft - maar die moskeeën hoeven voor hem niet.






















Nieuwe reactie inzenden