Dat nieuwslezeres Laïla Abid van Marokkaanse afkomst is, hoor je bijna niet - en waarom zou je dat ook horen. Maar onlangs waagde ik me aan de voorspelling dat het Marokkaans-Nederlands de z-klank zou redden, die bezig was te verdwijnen. Selfstandig seilmeisje, soloseks sat, soekt sielsverwant... Bij Laïla Abid hoor ik dat ik misschien gelijk krijg.
In de Marokkaanse variant van het Nederlands is de zachte zzz nog prominent aanwezig, en ik meen dat dat een conserverende invloed heeft. Met andere woorden: dankzij de Marokkaanse Nederlander gaat de z niet in heel Nederland als sss klinken.
Het blijkt niet alleen voor de z op te gaan, maar ook voor de v. In de bulletins die Laïla Abid leest, is een vrouw niet fijfensefentig, maar vijfenzzeventig. Sterker nog: ze is zelfs vijvvenzzevventig.
Zelf zeg ik, als ik niet oplet, doodgemoedereerd fijfensefentig. Maar de Marokkaanse tongval brengt zachtere klanken aan. Zelfs waar het vanouds niet gebruikelijk was: we zeggen al sinds mensenheugenis fijftig en sestig. Maar hoe lang nog? Zijn nieuwslezers niet ons ijkpunt, qua taal?
Laïla klinkt zo: In Washington gaan ambtenaren vvan de vederale overheid nog niet aan het werk. Het werd een uiterst spannende vinale. Er komen landelijke estavette-acties. Pierre Kartner moest bij het Songfestival de knoop devinitief doorhakken.
Ze zei nog nét geen vestival, maar haar lippen wrijven verleidelijk. En aan die lippen hangen wij. Zal Laïla’s zachte Nederlands op den duur hét Nederlands worden? Langzzaam maar zzeker?
Zelfstandig zeilmeisje zoekt zielsverwant als vervanger voor zolozeks...

















Nieuwe reactie inzenden