Wie wil exposeren in grote musea in China? Wie wil er optreden? Het Chinese bedrijf OCT bouwt steden, compleet met musea en theaters. Nederlandse kunstenaars zijn van harte welkom. Maar kan je daar wel maken wat je wilt of is de censuur te streng? De eerste ervaringen zijn positief.
‘Heel inspirerend’, zegt fotograaf-kunstenaar Edwin Zwakman over werken in China. De afgelopen drie jaar heeft hij meerdere malen in het land gewerkt. ‘Wat ik de eerste keer in een schetsboek had gemaakt, stond nog geen jaar later in de openbare ruimte, in Shanghai. Het is ongelooflijk hoeveel dynamiek en vaart je daar in dingen kan brengen, als je de juiste middelen hebt en mensen kent. Het enthousiasme werkt aanstekelijk.’
Zwakman’s Tree Hugger is in 2010 in een park in Shanghai geplaatst. Het is een kunstwerk dat rond een boom omhoog wentelt. Veel mensen klimmen er tegen op, zoals de maker ook bedoeld had. ‘Er zijn best veel westerse kunstenaars in China, maar meestal zitten ze in een soort zeepbel: het gebied waar kunstenaars elkaar ontmoeten, ver van de maatschappij. Dat vind ik jammer. ’
Expertise
Tijdens de oplevering van zijn Tree Hugger kwam Zwakman in contact met Overseas Chinese Town (OCT), een semi-staatsbedrijf dat steden ontwikkelt en bouwt, inclusief theaters en musea. Zwakman kreeg de uitnodiging voor een duotentoonstelling in Shanghai dit najaar, naast de bekende Chinese kunstenaar Liu Jianhua. Voor de expositie werkte en woonde Zwakman een paar maanden in de stad. Hij kwam daar ook veel in contact met kunststudenten.
De tentoonstelling loopt tot 3 december in het grote museum van OCT. ‘Dit museum is eigenlijk een soort showroom bij dat enorme gebied dat zij ontwikkelen. Meer dan de helft is in de open lucht, met werken die speciaal voor die lokatie zijn ontwikkeld. Ze hebben een enorme expertise in huis. Ze bouwen ook pretparken, dus dan kan je ook wel kunstwerken neerzetten.’
Overeenkomst
Deze zomer tekende het Chinese OCT een samenwerkingsovereenkomst met de Nederlandse Stichting Internationale Culturele Activiteiten SICA. Deze organisatie stimuleert culturele uitwisseling tussen Nederland en andere landen over de hele wereld. Met tien grote musea in China is OCT voor SICA een heel interessante partner, vertelt projectleider Monique Knapen. Dat bleek al in 2010 toen OCT betrokken was bij het Dutch Culture Centre, een tijdelijk Nederlands cultuurhuis tijdens de World Expo in Shanghai.
‘Voor China is het ontzettend belangrijk dat er westerse kunstenaars komen. Uitwisseling op allerlei niveau prikkelt. OCT is serieus. De musea zijn top of the bill. Het OCT-team heeft verstand van kunst. Ik geloof heilig in een partner die meebetaalt. Ik geloof niet in alleen maar kunst en geld brengen.’ Monique Knapen spreekt Chinees en komt al 20 jaar in China. Zij hoort vaak dat met Nederlanders zo goed afspraken te maken zijn.
Onlangs bezocht een OCT-team Nederlandse musea en andere kunstinstellingen. ‘We werken ook samen met andere landen, maar de samenwerking met SICA is logisch. We hebben hetzelfde concept en doel. Cultuur is tegenwoordig internationaal, het kent geen grenzen. ‘We zien nu al dat de samenwerking met SICA goed loopt,’ vertelde OCT-vice-president Luan Qian in Amsterdam.
Censuur
Bij de grote boekenbeurs van Peking in september was er extra veel aandacht voor Nederland. Nederlandse schrijvers waren erbij, ook om collega-schrijvers te ontmoeten. De Chinese overheid verbood een aantal van die ontmoetingen, wat tot felle discussies leidde in Nederland. Commercie zou belangrijker zijn dan principes, aldus critici.
Monique Knapen en kunstenaar Edwin Zwakman zijn zich bewust van de censuur in China. ‘Er is zoveel in beweging in China,’ zegt Knapen. ‘We hebben de ervaring dat China open staat voor onze kunst. Maar er zijn bepaalde zaken –Tibet, porno, politiek- die gevoelig liggen.’
Zwakman heeft eerder gewerkt voor galleries die niet aan de overheid waren gebonden. Daar moest hij voorzichtig zijn, om zijn Chinese partners niet in gevaar te brengen. ‘Als je voor galleries werkt, is de censuur vaak heel hard, deprimerend. Censors zeggen al snel nee, omdat ze eigenlijk geen verstand hebben van kunst. Ze willen geen risico lopen.’
Gek genoeg heeft hij meer vrijheid ervaren, toen hij werkte voor het grote –aan de overheid gebonden- OCT. 'Je moet in China altijd oppassen of je niet met de duivel in zee gaat. De krachtvelden zijn zo anders dan wie hier ons kunnen voorstellen. Maar OCT is een van de positieve krachten in China,’ concludeert Zwakman.
‘Ik ben voor de vrijheid, voor mensenrechten. Wij proberen zo goed mogelijk te werken, met een partner die past. We zorgen voor verdieping. Langzame verandering, stapje voor stapje,’ hoopt Monique Knapen.























Nieuwe reactie inzenden