Braziliaanse vrijwilligers die Nederlanders helpen in de aanpak van achterstallige wijken. Dat lijkt de wereld op zijn kop. Maar in Amsterdam dachten ze: Laat maar komen. Inmiddels is iedereen aangestoken door de Braziliaanse formule van zélf aanpakken. En dan niet met Hollands gezeur maar met Zuid-Amerikaans optimisme.
Drie meisjes staan al zingend te schilderen in een donker en viezig tunneltje in Amsterdam Noord. Kleurrijke schilderingen van bloemen en planten moeten de doorgang van de straat naar de galerijflats erachter weer opvrolijken.
De wijk Nieuwendam Noord ligt vlak langs de snelweg rond Amsterdam. Een saaie buurt met drukke wegen, hoge flats, en een kruispunt met snackbar en moskee. Maar vandaag zijn overal mensen aan het klussen. Voetbalgoaltjes worden in elkaar getimmerd, hangplekken geschilderd en ook in de verwilderde tuin voor de moskee zijn mensen aan het werk. Ismael (11) en Ahmed (10) zitten op hun knieën in het zand voor de moskee.
Steekpartij
'We maken een speeltuin van oude spullen en we hebben ook een voetbalveld gemaakt en een schommel.' vertelt Ismael enthousiast. De sfeer in de buurt was niet goed, volgens zijn vriendje Ahmed. 'Laatst was er nog een steekpartij en een schietpartij. Er zijn weinig activiteiten hier en mensen verhuizen naar een andere buurt. Eigenlijk is dit een hartstikke leuke buurt maar mensen beseffen het niet meer.'
Rodrigo Alonso, een jonge architect uit Brazilië, is het brein achter de opknapbeurt. Hij werd uitgenodigd om naar Amsterdam te komen vanwege zijn werkervaring. In de favela's leerde hij daar hoe plezierig het kan zijn om samen een droom te realiseren waar iedereen baat bij heeft: mooie en veilige buurten. Mensen wilden niet langer wachten tot de overheid hun leven kwam verbeteren. We gaan het samen doen, concludeerden ze, gewoon met spullen van de straat.
Goede knuffel
Waarom zou een oplossing uit een Braziliaanse sloppenwijk ook werken in Nederland? Rodrigo Alonso is optimistisch over deze omgekeerde ontwikkelingshulp:
'Nederlanders hebben het vaak zo goed dat zij hun buren niet meer nodig hebben en zijn het afgeleerd met elkaar dingen aan te pakken.' De Braziliaan realiseert zich dat de hij de Nederlanders niet kan helpen betere huizen te bouwen en geld heeft hij ook niet. Maar toch heeft Brazilie Amsterdam wel wat te bieden volgens Alonso: 'De warmte tussen mensen, het plezier van samen werken en elkaar soms een goede knuffel geven, dat kunnen de Hollanders weer van ons leren.'
Boomstronk
Wat blijft er van dit alles over als de vrolijke Brazilianen weer vertrokken zijn, en Nieuwendam weer gewoon Nieuwendam is? Een eerste rondgang stemt gunstig. Jong en oud, donker en blank, iedereen lijkt besmet met het Braziliaanse optimisme. Een lange Marokkaan trekt een boomstronk uit de grond en zegt dat de mannen van de moskee de tuin gaan onderhouden. Een Hollandse vrouw met groene vingers neemt de nieuwe plantenkas onder haar hoede. Twijfels heeft ze wel: 'Ik hoop écht dat dit niet over een week weer verpietert.'
Verderop steekt een man in een blauw trainingspak beide duimen in de lucht. Dit Braziliaanse duwtje in de rug was precies wat zijn buurt nodig had.
'Ik denk dat je altijd een inspirator nodigt hebt, iemand die zegt 'kom op, de beuk erin', zegt de man. 'Wij Nederlanders zijn te schuchter om met elkaar samen te werken, maar hoe meer je samenwerkt des te minder ben je je ervan bewust dat er grenzen zijn. En een heleboel mensen zijn toch bang voor buitenlanders.'
Het werk zit er bijna op, en nu gaat er gefeest worden. Dat gaat ook op z'n Braziliaans. Mensen dansen en zingen in een grote kring op straat, de meisjes van het tunneltje geven de maat aan en Alonso speelt gitaar. Nieuwendam is in ieder geval aangestoken door de Braziliaanse koorts. Nu het Nederlands elftal nog.
Luister hier naar de radioreportage


















Wat een informatief ertikel en prikkelende reportage.
Nieuwe reactie inzenden