De tijd is er rijp voor: de private sector, particulieren, bedrijven en investeringsfondsen moeten het stokje van de Nederlandse overheid overnemen als investeerder in ontwikkelingslanden. En dat hoeft niet eens uit liefdadigheid, zegt het Koninklijk Instituut voor de Tropen.
Het Tropeninstituut, een kenniscentrum voor ontwikkelingsvraagstukken in Amsterdam, probeert uit alle macht de discussie aan te zwengelen. Investeer in Afrika. Deins niet terug voor de horrorverhalen onder investeerders over het continent. Ga zelf op onderzoek uit. Want onderschat het niet: in Afrika liggen grote kansen voor de slimme doorzetter.
Handvol kleingeld naar Afrika
Die boodschap klonk tijdens het onlangs gehouden symposium 'Geen donaties, maar participaties'. Maar volgens Hoogleraar Financiële geografie Ewald Engelen van de Universiteit van Amsterdam wil het zo'n vaart nog niet lopen met de Westerse investeringen in het vaak onbegrepen continent Afrika.
Engelen meent dat van alle duizenden miljarden die op deze wereld worden belegd door pensioenfondsen en andere investeerders, bij wijze van spreken slechts een handvol kleingeld naar Afrika gaat.
Angstig
Beleggers zijn niet gek en als er ergens rendement te maken valt...dan trekken ze daar massaal heen. Zo niet met Afrika dus. Engelen: 'En dat terwijl het continent, ook volgens het Internationaal Monetair Fonds, de komende decennia veel gunstiger groeicijfers laat zien dan de Westerse wereld. 15 tot 20 procent op jaarbasis, tegen nul tot drie voor Europa en Noord-Amerika'. Waarom mijden investeerders Afrika?
Koudwatervrees, denkt Engelen. 'Vooral bij de pensioenfondsen die de grootste bedragen te beleggen hebben. Bij wijze van schijnveiligheid vluchten ze in dezelfde Europese en Noord-Amerikaanse waardepapieren als de rest. We hebben door de kredietcrisis gezien wat daarvan gekomen is.'
Investeerders vrezen politieke instabiliteit, hevige valutaschommelingen, corruptie. En vooral heerst ook de angst voor een gebrek aan liquiditeit en aan mogelijkheden om een gekochte participaties vervolgens ook weer te slijten aan een andere partij.
Volwassen
Anna Pot van pensioeninvesteerder APG (250 miljard in beheer) ter verdediging: 'Wij investeren wel degelijk in Afrika en andere opkomende markten. Maar dat is nog niet voldoende naar mijn zin. Wij onderzoeken voortdurend hoe we dat kunnen uitbreiden. Ik sta open voor suggesties.'
'We zien de mogelijkheden, maar sluiten ook de ogen niet voor de risico's. Denk aan instabiele politieke structuren, onteigeningen, ontoereikende infrastructuur. Maar ook schaalgrootte. Het is misschien beter om te wachten tot Afrika's economie nog iets volwassener is en er dan breed in te stappen.'
Ghana-Maleisië: 0-1
Afrika heeft iets om tegenop te kijken. Azië heeft zich bijvoorbeeld als een tijger omhoog gevochten, Latijns Amerika trekt op steeds grotere schaal buitenlands geld aan. Maar Afrika blijft achter.
Vergelijk Ghana eens met Maleisië. De landen hebben veel gemeenschappelijk, vertrokken na beider onafhankelijkheid in 1957 uit min of meer hetzelfde startpunt. Vandaag de dag overvleugelt Maleisie Ghana op economisch gebied letterlijk in tienvoud. En Ghana geldt als een Afrikaans succesverhaal.
Zielig
Volgens bestuursvoorzitter Nanno Kleiterp van de Nederlandse ontwikkelingsbank FMO hebben hulporganisaties in hun zoektocht naar donaties een volstrekt misplaatst beeld van Afrika geschetst.
'NGO's, hulporganisaties verkopen zieligheid. Zieligheid in Afrika. Daar halen ze hun geld mee binnen. Succesverhalen horen we niet. Dat andere deel, waar ondernemerschap is, waar groei is en vindingrijkheid, waar geld wordt verdiend, blijft onderbelicht.'
Ups en downs
Neemt niet weg dat de zenuwen van de investeerder in deze relatieve jonge democratieën wel tegen een stootje moeten kunnen. Ook pionier onder de Afrika-investeerders, Marise Blom, van het Nederlandse Mango Capital erkent dat het Afrikaanse investeringsklimaat soms lijdt onder gevreesde risico's. Risico's die vaak groter worden ingeschat dan ze werkelijk zijn. 'Onbekend, maakt onbemind.' En angstige beleggers zorgen voor heftige koersbewegingen.
Blom: 'Afrika was in 2007 echt een hype. We stonden met ons fonds op een winst van bijna 60 procent.' Veel van het in Afrika geinvesteerde geld verdween weer even snel toen de kredietcrisis aanbrak, terwijl het continent daar juist relatief goed doorheen kwam. Investeerders haalden in paniek alles terug. Was dat in ieder geval veilig.
Geef Afrika de tijd
Blom: 'Daar hebben we van geleerd: niet overmoedig worden. Altijd opletten dat je belegt in 'liquide' markten. Met eigen ogen kijken en de tijd nemen voor een netwerk ter plaatse. Dat is wat ik ook tegen investeerders zeg: geef ons alleen het geld dat je minstens drie tot vijf jaar de tijd niet nodig hebt. Ik voorzie Afrika een mooie toekomst. En aantrekkelijke rendementen.'
Maar al die misère uit het verleden dan? Hebben wij iets gemist, is Afrika voorgoed boven Jan?
Blom: 'De kracht van Afrika is de toegenomen stabiliteit en het grote economische potentieel. Er is veel veranderd de afgelopen tien jaar', legt Blom uit. 'Zo was het in Nigeria lange tijd normaal dat er oorlog ontstond na het overlijden van een president. De laatste keer, in mei, verliep dat prima. Dat zegt wat.'
Liever investeren dan doneren
Niet onbelangrijk...wat vinden de Afrikanen zelf van? Op het symposium van het KIT is de boodschap uit die hoek duidelijk: kom maar op met je Westerse centen. Wij gaan er graag mee aan de slag.
Of zoals de Tanzaniaanse investeerder Ezra Musoke van In Return Capital het zegt: 'Liever participaties, dan donaties voor Afrika. Of dat nu via de beurs is, of direct aan bedrijven of aan personen via een microkrediet. Want van 'ouderwetse ontwikkelingshulp' krijg je apathische mensen. Investeren stimuleert de ondernemersgeest.'


























Nieuwe reactie inzenden