Ook voor de Afghaanse tolken die Nederland de afgelopen vier jaar hebben bijgestaan, is de missie in Uruzgan voorbij. Ze hebben grote risico’s gelopen, vertellen ze, en veel leed gedeeld.
De meeste tolken verruilen nu hun uniform voor het Amerikaanse. Niet van harte, maar omdat Nederland hen niet de erkenning gaf waarop ze rekenden. 'De Amerikanen geven na twee jaar hopelijk wel een visum', zegt een van hen. 'Naar mijn dorp terug kan ik niet. Daar weten ze dat ik met Westerlingen werk.'
Geen nazorg
In Nederland heeft de VVD kamervragen gesteld naar aanleiding van de onvrede onder de tolken over het gebrek aan nazorg. Ook toen het Nederlandse leger vertrok uit Irak waren er zorgen om het lot van lokale tolken. Maar volgens PvdA-kamerlid Angelien Eijsink is daar toen geen enkele actie uit voortgevloeid.
Ondertussen valt de club van Nederlandse tolken snel uiteen. Elf stopten toen ze met Australiërs moesten werken. Drie gingen met 'verlof' en keerden niet terug. Twee vertrokken vorige week met een streng beveiligd konvooi naar Kandahar. En zondag nog stapte er een op het vliegtuig naar huis.
Ander uniform
Andere tolken hebben inmiddels een geheel nieuwe baan, en hun oud-collega's weten nu al niet meer waar ze zijn. Van de oorspronkelijke 102 zijn er zo nog minder dan zeventig over. Bij hen is er een run op de tolkenbanen die de Nederlanders nog te bieden hebben na de formele overdracht van afgelopen weekend.
Maar dat zijn er niet meer dan veertien. De rest zal zich noodgedwongen bij de Amerikanen aansluiten, al vrezen ze daardoor nog meer gehaat te zullen worden door hun mede-Afghanen. Afgelopen week zijn er gesprekken geweest, en al snel zullen ze de nieuwe, Amerikaanse uniformen aantrekken.
Traumatisch
Risico’s hebben ze wel gelopen, de tolken. Een van hen kijkt weg: hij ziet het gelijk allemaal weer voor zich. Het was 7 september, vorig jaar. Zijn ‘vriend’, zoals hij hem noemt - Mark Leijsen - reed voor hem tijdens een patrouille. Plotseling gebeurde het.
'Een klap was er en de auto viel op Mark. Ik moest wat doen, ik wilde de auto van zijn lichaam aftrekken. Ik trok en trok. Maar hij stierf voor mijn ogen. Ik heb dagen daarna niet gegeten en kreeg dat beeld van mijn vriend die langzaam stierf niet van mijn netvlies.'
Slag om Chora
Tegenover hem zit een andere tolk. Op zijn vinger draait hij een zonnehoedje met Nederlandse militaire print. Hij was in Chora toen het daar mis ging: een zwaar gevecht in 2007, waarbij naar schatting 65 Afghaanse burgerslachtoffers vielen, naast zestien Afghaanse politiemannen en een Nederlandse militair.
'Ineens waren we van alle kanten omsingeld en we vochten en vochten. We liepen naar een kamer waar we zagen dat er iets goed mis was gegaan. Daar lagen 15 vrouwen en kinderen. Allemaal dood. Ik schreeuwde hard toen ik het zag. Mijn Nederlandse collega-soldaten huilden. Het was vreselijk.'
Vuurgevecht
Vaak genoeg grepen ze ook naar hun wapens om zij aan zij met de Nederlanders te vechten. Ook toen ze in Deh Rawod in een heftig vuurgevecht terecht kwamen. Een van de tolken wist zeker dat hij daar niet levend uit zou komen.
'Toen het geschiet dichterbij kwam, dacht ik: ik moet niet gevangen genomen worden, dat wordt ook mijn dood. Toen ben ik tegen de regen kogels ingelopen en schreeuwde: dood me maar, dood me maar. Maar ik overleefde het, dankzij zijn Nederlandse collega’s.'
Voorzichtig
De jongens complimenteren de Nederlanders, omdat er in hun team van tot voor kort 102 tolken maar een keer iemand is omgekomen. 'Dat komt doordat Nederland voorzichtig is. En doordat ze weten hoe de cultuur werkt. Dat is bij de Amerikanen wel anders.'
De tolken kregen afgelopen week een barbecue aangeboden en certificaten voor hun prestaties. Maar daar hadden ze er al meerdere van. En, zeggen ze, daar gaat het ook niet om. 'Het is niet dat er geen werk voor ons is. Elk leger zit om ons te springen. Het gaat erom dat Nederland onze positie niet ziet.'



















Nieuwe reactie inzenden