Amnesty International
Amnesty International telt 2,8 miljoen leden en donateurs in 150 landen. In sommige landen heeft de organisatie maar weinig leden. Amnesty kan niet overal in het openbaar opereren omdat veel regeringen haar activiteiten als illegaal aanmerken.
De Nederlandse afdeling, gevestigd in Amsterdam, bestaat sinds 1968 en heeft ruim 280.000 leden. Dat is dus 10% van het totale aantal leden van de mensenrechtenorganisatie in de wereld.
Op 28 mei 2011 bestaat Amnesty International een halve eeuw.
Wim Obbink (84) speelde lange tijd briefschaak met een Koerdische gevangene in een Turkse cel. Nadenken over de volgende zet gaf de Koerd een gevoel van vrijheid. Eenmaal vrij ontmoette hij Obbink om de partij uit te spelen. Dáár doe je het voor, zegt de Nederlander die als Amnestylid al tientallen jaren brieven schrijft naar politieke gevangenen.
Sinds het einde van de jaren 60 is Wim Obbink actief lid van Amnesty International. Hij heeft de betekenis van vrijheid aan den lijve ondervonden. Obbink moest in de Tweede Wereldoorlog onderduiken omdat hij weigerde voor de Duitse bezetter te werken.
'Door dat onderduiken kreeg ik in de gaten wat vrijheid betekent. Je kunt niet meer zeggen en doen wat je wilt. Het feit dat je gedwongen wordt om je mond te houden. Niet meer de mensen kunt ondersteunen die het nodig hebben. Toen Amnesty ook vanuit Nederland actief werd, dacht ik gelijk: dit moet het zijn.'
Nadenken
Obbink schreef samen met zijn vrouw Jante (83) en andere Amnestyleden in hun woonplaats naar gevangenen in Turkije, Cuba, Israël, Peru. Brieven om hen moed in te spreken, en om contact te houden met de rest van de wereld.
Er kwam een intensief briefcontact op gang met de Koerdische Ibrahim Carboga, waarmee Obbink per brief een schaakpartij begon. Voor Carboga belangrijk, omdat hij over elke zet moest nadenken en zich dan even 'vrij' voelde. Na zijn vrijlating in 1992 ontmoetten Carboga en Obbink elkaar en werd de schaakpartij uitgespeeld. Het eindigde in een remise.
Bomen omarmen
Ook schreef Obbink met Palestijnse gevangen, zoals de mensenrechtenactivist Abded Al Ahmar die in 2002 in een Israëlische cel terechtkwam. In 2004 kwam Al Ahmar vrij en bezocht hij Nederland om de Amnestyleden te bedanken voor de post en tekeningen die hij had ontvangen.
Ook ontmoette Obbink de Cubaanse arts Omar del Poso, de vanwege kritiek op het regime jarenlang in de gevangenis zat. 'Het was ontroerend. Hij omhelsde ons en was zo positief over de toekomst. Ik wilde hem er nog op wijzen welke moeilijke tijd hem te wachten stond. Maar hij keek me bestraffend aan en zei: 'Ik kan nu weer de bomen omarmen en de zon zien.' Dan weet je weer meteen wat vrijheid is.'
Geen 'linkse club' meer
Obbink heeft Amnesty International zien veranderen. De organisatie werd in de jaren zeventig aangeduid als een 'linkse club'. Maar inmiddels wordt de mensenrechtenorganisatie veel breder gewaardeerd.
Is Amnesty, dat dit jaar zijn 50ste verjaardag viert, nog wel relevant als je kijkt naar de grote rol die sociale media als Facebook en Twitter tegenwoordig spelen? Tijdens de opstanden in Tunesië en Egypte drukten die nieuwe media een belangrijke stempel op de ontwikkelingen in het land.
Facebook
Maar Wim Obbink vindt Amnesty nog altijd belangrijk, vooral als organisatie die onderzoek doet en informatie controleert.
'Het is levensgevaarlijk als je onbetrouwbare gegevens verspreidt, bijvoorbeeld via Facebook. Je kunt mensen met verkeerde informatie tegenover een overheid opzetten. Als er onwaarheden worden verspreid en je gaat dan de mensen mobiliseren dan zit je volgens mij op de verkeerde weg.'
Obbink onderschat de invloed van Facebook niet. Hij is er inmiddels zelf ook lid van, maar dan vooral voor het contact met zijn kleinkinderen.




















Nieuwe reactie inzenden