Curaçaose musici kunnen weer optreden in Aruba. Het financiële struikelblok dat musici beperkte om op te treden is zondag opgeheven. Minister-president Mike Eman van Aruba en Gerrit Schotte van Curaçao zijn overeengekomen dat feestpromotors op Aruba niet langer 400 gulden per bandlid hoeven neer te tellen wanneer zij een Curaçaose band invliegen voor een activiteit bestemd voor 800 of meer bezoekers.
“De ferme opstelling van onze minister van Justitie Elmer ‘Kadè’ Wilsoe (PS) heeft in deze kwestie de doorslag gegeven”, stelt voorzitter Manfred ‘Fèko’ Gomes van de Asosiashon di Músiko i Artista di Kòrsou (Amak, Curaçaose vereniging van musici en artiesten). Curaçaose bands zagen met lede ogen toe hoe collega’s als Claudius Philips en zijn band Oreo en de laatste jaren ook Tsunami meerdere keren per jaar in Curaçao kwamen optreden, terwijl zij niet werden uitgenodigd voor optredens in Aruba.
‘Luisterend oor’
“Sinds het aantreden van de huidige regering-Schotte hebben wij een luisterend oor gekregen. Tijdens een onderhoud met de Justitieminister begreep hij ons pijnpunt en liet ter plekke een protocol opstellen waarmee deze kwestie met onze zusterorganisatie Asoma (Asosacion di Músico di Aruba) zou worden geklaard”, vertelt Gomes.
Maar Wilsoe deed meer. Toen hij vernam dat Aruba op basis van het protocol per 1 januari 2011 de 400-gulden-per-bandlid-eis van de Departamento di Integracion, Maneho y Admision di Stranhero (Dimas, directie Beleid, Toelating en Integratie Vreemdelingen) zou schrappen, decreteerde hij meteen dat ‘tot dan ook geen Arubaanse bands op Curaçao mogen optreden’. Dit leidde tot veel protest in de Arubaanse media en de bijzondere relatie die de twee landen met elkaar hebben, kwam onder druk te staan.
Bliksembezoek
Amak verzocht premier Schotte hierop om dit onderwerp ter sprake te brengen tijdens een bliksembezoek zondag van zijn collega Eman. De twee bewindslieden waren het met elkaar eens dat muzikale uitwisseling tussen de twee landen moet worden aangemoedigd en spraken af dat de financiële eis per direct zou worden opgeheven.
“Onze strijd van ruim vijf jaar tegen de Dimas-eis, is op deze manier succesvol beëindigd”, stelt Gomes. Hij dankt alle Arubaanse en Curaçaose bewindslieden die hun medewerking hebben verleend om deze kwestie vlot op te lossen.



























Nieuwe reactie inzenden