“Ik wil niet met bestuurders praten, maar met de mensen op Curaçao,” zegt Ronald van Raak, Tweede-Kamerlid voor de Socialistische Partij. Half augustus vertrekt hij naar het Antilliaanse eiland voor zijn eerste bezoek. De politicus - die zich doorgaans vrij kritisch uitlaat over de bestuurlijke ontwikkelingen op de Antillen - koos Curaçao als vakantiebestemming, maar gaat dan ook meteen een aantal werkbezoeken afleggen.
Hij heeft al een aantal afspraken staan, zoals de Bon Futuro gevangenis, de Isla Raffinaderij, het Sint Elisabeth Ziekenhuis en de universiteit UNA. Niet alleen directeuren wil hij spreken, maar iedereen die daar rondloopt. “Ik ben geïnteresseerd in mensen en ben benieuwd hoe de bevolking daar zelf denkt over hun eiland.”
Ondanks dat hij zich sinds 2006 in de Tweede Kamer bezighoudt met Antilliaanse zaken wordt dit de eerste keer dat hij de Antillen bezoekt. Hij is bewust nooit meegegaan naar de eilanden voor een bezoek in het kader van het Parlementair Overleg Koninkrijksrelaties. “Daar wordt alleen over bestuurlijke zaken gepraat en niet met de mensen zelf gesproken. De afgelopen jaren gaan de besprekingen gepaard met veel ruzie en gedoe.”
De politicus vindt het jammer dat er geen warme band is tussen de Antillen en Nederland. Hij vergelijkt het met India en Groot-Brittannië. “Ondanks dat de Indiase bevolking Groot-Brittannië veel kwalijk neemt, is er toch een sterk culturele en gevoelsmatige band tussen de landen.” Hij vraagt zich af waarom die er niet is tussen de eilanden en Nederland.
Van Raak stemt in met het Nederlands beleid om veel geld vrij te maken voor de schuldsanering, maar zegt wel dat de Antillen aan een aantal voorwaarden moeten voldoen. “Het bestuur moet alles goed op orde hebben en de buitenlandse bedrijven in de speciale economische zones op Curaçao moeten belasting gaan betalen.”
Hij is ervan overtuigd dat het bezoek een positieve ervaring wordt en dat hij wellicht zijn mening over de Antillen.



























Nieuwe reactie inzenden