De consensusrijkswet voor de politie blijft een goed voorstel volgens het Nederlandse ministerie van Justitie. Minister Hirsch Ballin doet vooralsnog geen water bij de wijn naar aanleiding van het op 9 april ingediende amendement, dat pleit voor het schrappen van de Gemeenschappelijke Voorziening Politie.
De Nederlandse kritiek op de politiewet moet volgens het ministerie van Justitie verstommen door de mogelijkheid te gebruiken die het wetsvoorstel voor de politie biedt om in te grijpen als een van de nieuwe landen niet kan voldoen aan de eisen die in de wet staan. Dit kan namelijk via een Algemene Maatregel van Rijksbestuur. Hiermee kan inmenging van andere landen geregeld worden, maar dit kan alleen na overleg met het betrokken land.
De in gang gezette verbeterplannen voor de politiekorpsen van de eilanden moeten ook nog eens de - aan Nederlandse zijde - heersende angst wegnemen dat de politie-inrichting niet goed geregeld is. Een angst die overigens niet bestaat aan Antilliaanse zijde.
Gemeenschappelijke Voorziening Politie
Nederlandse Kamerleden vragen zich bovendien al tijden ernstig af of het wel slim is om Curaçao, Sint Maarten en de BES-eilanden een eigen politiekorps te geven, met daarbij een Gemeenschappelijke Voorziening Politie die grensoverschrijdende zaken moet aanpakken. Hier is ook een voorstel tot wetswijziging voor ingediend op 9 april door onder meer de VVD.
Hirsch Ballin benadrukte op dag twee van het wetgevingsoverleg nog eens het belang van samenwerking tussen de korpsen. Het uitgangspunt volgens hem is dat elk korps zelf onderzoek moet doen naar grensoverschrijdende criminaliteit via de politiemensen die daarin gespecialiseerd zijn. Het gaat hier dan om de medewerkers die vallen onder de Gemeenschappelijke Voorziening Politie. Uit schriftelijke antwoorden blijkt verder dat veel vertrouwen wordt gelegd in de eigen verantwoordelijkheden van de verschillende korpsen.
Raad voor de Rechtshandhaving
Om toezicht te houden op de rechtshandhaving krijgen de nieuwe landen Curaçao en Sint Maarten en de BES-eilanden de Raad voor de Rechtshandhaving. Dit is een inspectiedienst die moeten kijken naar de werking van onder meer de politie, de opleidingen van de politie, het Openbaar Ministerie (OM), gevangenissen, reclassering en jeugdzorg. De Raad houdt alleen geen toezicht op het Gemeenschappelijk Hof van Justitie. Er bestaat nu nog niet zo’n organisatie.
De Raad voor de Rechtshandhaving gaat uit drie leden bestaan en kan hulp vragen bij experts en eventueel bestaande inspectiediensten, zoals de Raad voor de Jeugdbescherming. De adviezen en aanbevelingen die de Raad gaat doen moeten uiteindelijk afgewogen worden door de verantwoordelijke minister. Die is politiek verantwoordelijk voor de werkzaamheden van de Raad. De kosten voor het orgaan moeten betaald gaan worden door de landen zelf.

































Nieuwe reactie inzenden