Hoewel de bestuurders van de uiteengevallen Antillen zich vol goede moed tonen over nieuwe en blijvende onderlinge samenwerking, ziet demissionair staatssecretaris Ank Bijleveld van Koninkrijksrelaties dat nog niet zo snel gebeuren. Ze zei dat afgelopen zaterdag, 9 oktober, na afloop van de laatste zitting van de Staten van de Nederlandse Antillen.
Demissionair staatssecretaris Bijleveld vond het emotioneel om de laatste zitting bij te wonen. Ze kon zich voorstellen dat meer mensen er met gemengde gevoelens bij zaten. De Nederlandse Antillen werden opgeheven, maar aan de andere kant was men ook blij met de nieuwe situatie.
Eerst opbouwen
Over de samenwerking onderling liet Bijleveld zich kritisch uit. Dat is niet het eerste wat er nu moet gebeuren, stelt de staatssecretaris. "Ik denk dat het eerste echt is dat die landen zichzelf goed opbouwen en dat wij goed opbouwen aan de nieuwe bijzondere gemeenten, het Caribische deel van Nederland."
Bijleveld denkt wel dat de samenwerking er uiteindelijk wel moet komen. Als voorbeeld geeft ze de samenwerking die er nu al voor de politie is opgezet, maar eerst moeten de landen in zichzelf investeren.
Kopzorg
Ze erkent dat de begroting van Sint Maarten een kopzorg is, maar zegt er meteen bij dat daar financieel toezicht voor geregeld is en dat de rijksministerraad niet zal schromen in te grijpen. Hetzelfde geldt voor Curaçao, dat niet moet proberen op de oude voet door te gaan met het benoemen van commissarissen bij overheidsinstanties. Er is immers wettelijk vastgelegd dat dat niet mag, zegt Bijleveld.
"Men kan weten dat we dit soort dingen echt kritisch zullen volgen, en dat ook de komende regering in Nederland daar nog kritischer naar zal kijken." Geen paniek daarom bij Ank Bijleveld, ze keert met een gerust hart terug naar Nederland. "Want ik denk dat de waarborgen voldoende zijn, en daar moet ook gebruikgemaakt van worden."
































Nieuwe reactie inzenden